Wie maakt me los van de arbeidsmarkt

Waterkant

Als het dan toch ergens moet, dan aan de waterkant. Dat was ik met hem eens. Althans, dat bedacht ik me toen ik in een bomvolle trein zat vol mensen die liever iets anders zouden doen. Hij deed tenminste wat hij moest én wou doen. Hij was in feite een kleine held.

Even terug. Als ik met de trein reis, dan gebeurt er wat. Het is niet dat het gebeurt omdat ik het wil, maar omdat ik wat meer oplet dan de meeste mensen. De gemiddelde treinreiziger ondergaat de treinreis in de hoop dat die snel voorbij is. Ik ben op avontuur: als ik toch een aantal dozijn minuten kwijt ben in een snelrazend koekblik, dan wil ik meemaken wat er zoal gebeurt. Ik luister gesprekken, observeer de mensen, en bekijk ook de trein zelf.
Lees meer

Hoera

De man tiept wat in op een welluidend toetsenbord uit het jaar blok. Met samengeknepen ogen tuurt hij naar zijn scherm. Dan zegt hij verbaasd dat ik nog helemaal niet in het systeem voorkom. Dat kan kloppen, zeg ik. Dit is mijn eerste keer. Verbaasd kijkt de man mij aan en vraagt hoe oud ik ben. Ik antwoord dat ik vijfendertig ben.
“En dan nu pas je eerste uitkering ?”
Lees meer

Meningen

Iedereen vindt er maar op los, in het dolle, dezer dagen. Verplichting van meningsuiting. Je moét wat vinden, tegenwoordig, van alles wat er maar in de wereld en dit en dat. De meeste mensen hebben dan ook geen enkel probleem ermee om over álles meningen te uiten. En toch waren er reclames dat je met je mening geld kunt verdienen. Ik heb die reclames zelf niet gezien want ik kijk geen televisie. Maar lieve mensen die meedogen hadden met mijn situatie afgelopen jaar hadden het me doorgestuurd. En dat leek me ergens wel wat.
Lees meer

Veel / weinig

Ik ben op de terugweg van een sollicitatiegesprek. Het gesprek was ver weg. De trein wacht nog met vertrekken. Dit station is een van de eindpunten in Nederland. Vanzelfsprekend vraag ik me een beetje af: zou ik hier willen en kunnen werken ?

Het is de volgende dag en ik heb een kater. Van een kater word ik hitsig. Ik probeer me te beheersen. De zon schijnt. Dat helpt ook niet. De wereld spant tegen me samen. Ik krab op mijn schedel en kijk de wereld rond. Ziet er eigenlijk wel goed uit, vandaag. Ik heb nog maar een paar dagen over om me te misdragen. Benieuwd wat ik vandaag nog zal uitvreten. Ik heb nog heel veel dag.
Lees meer

Kortjakje

Ik heb echt geen idéé wie Kortjakje was, maar zij moet wel de Bitch van het Dorp zijn geweest. Met haar altijd ziek zijn. En haar korte jas. En haar zilverwerk. Ik bedoel, voordat er een liedje de omloop en daarna cultuurgoed wordt, moet er een bepaalde mate van herkenbaarheid spelen. Iedereen wist wie Kortjakje was. Die éne trut, die zich aan alle maatschappelijke plicht onttrok door altijd ziek te zijn. Behalve zondag.
Lees meer

“Raak het nooit kwijt”

Plop, ging de stiftdop. Dat, met name dat, zal me altijd bijblijven. Ben en een stift in zijn handen. Hij kon alles aan iedereen verkopen, zolang hij maar een stift in zijn handen had en een whiteboard aan de muur. Hoeveel vergaderingen heb ik hem niet vergezeld, waar geen enkele aanwezige van plan was om hem aan te horen, tot die stiftdop plopte ? En een duizelingwekkend verhaal vol pijlen en afkortingen later liep hij de vergaderruimte uit met een getekend contract op zak. Ik drommelde er beduusd achteraan. Ben was een natuurfenomeen.
Lees meer

Zool

De lijm had het nog zó lang volgehouden, maar nu zijn ze er wel zoetjesaan aan: mijn schoenzolen. Ik vind het geen reusachtige ramp, want er kleven vervelende herinneringen aan de schoenen. Maar praktisch waren ze wel. Snel aan, snel uit. Ach, zo gaan die dingen. Ook aan de binnenkant ging alles niet helemaal fantastisch meer. De binnenzolen waren een gescheurd en half uitgedroogd hoopje ellende. Hoog tijd om ze weg te smijten dus.
Lees meer

Lettergroothandel

Wegens het overweldigend succes van mijn internetverhaaltjes vind ik een aanbod. Zomaar, in mijn inbox. Van mijn e-mail. Van een grote landelijke lettergroothandel. Het alfabetwarenhuis stelt een samenwerking voor. Want wat zijn verhaaltjes nu zonder letters, stellen ze ludiek en vriendelijk in de elektronische brief. In eerste instantie moet ik het daar natuurlijk mee eens zijn.

Maar zoals altijd is de realiteit weer anders. Het blijkt dat ik, doelgroeptechnisch, vooral goed pas bij de letters J, Q, V, X en Y. Dus of ik vooral die letters in mijn woorden wil gebruiken. Dat is goed voor hun omzet, bewejren ze. Iq twyfel aanvankelyjx even. Enjerzijdq mqet de kachxel natuurlyk vel brqnden. Qnderzijdx, tjq, hey getujgt njet van qrote jntegryteit qm zomaav je zyel ye grabbej ye qooien.

Jk laat verder jn xet mjdden vat ix vqqr besljssinq qenomev xeb. Sommjqe djnqen hov je jmmerx prjvé.