Beest en natuurtjes

Websitewesp

Rechts onderaan dit verhaaltje hoor ik plotseling allemaal knaaggeluiden. Eerst denk ik nog dat er een muis in mijn website is geslopen, maar dan zie ik dat er een reusachtige wesp mijn woorden opvreet. Ik zwaai een zwaai tussen achteloosheid en agressief, want ik weet wel beter dan wespen te boos te maken. Hij gaat echter onverstoord door met mijn tekst kanen. Zeg, hou daar eens mee op, roep ik tegen de websitewesp. Op veilige afstand, want we zijn pas bij de eerste alinea.
Lees meer

Stil zoals het mag

Misschien wou iedereen vannacht de planeten op een rijtje zien. Of misschien was er gisteravond iets heel gezelligs tot heel erg laat. Ik heb ze vanuit bed niet gehoord. Deze ochtend is er geen volk in mijn straat. Het is stil zoals het mag. Bij het passeren glipt de kitten van een van mijn buren voor het raam. Ik speel van buiten wat met hem, hij is piepjong en geeft het raam kopjes. Mijn kat zou er iets van vinden als ze er nog was. Lees meer

Canvaskat

Ze is een canvasprint geworden. Ik lig op de bank wat naar haar te staren. Normaal zou ze nu op de rand van de bank naast me liggen te snurken, of aandringen dat ik onder een dekentje kruip zodat zij zich onder mijn knieën kan nestelen. Of normaal, normaal: doodgaan is heel normaal. Doodnormaal zelfs.

Ah, voor wie een setting wil: het is vroeg, het is nog donker, het regent op de koepel in de keuken. Ik moet vanmiddag pas dingen doen maar was de wekker vergeten uit te zetten. Ik heb mijn moeder al wel goedemorgen gestuurd. Ziezo, laat me nu verder met rust.
Lees meer

Weggewit

Terug binnen hangt een vreemd daglicht. De sneeuw op de keukenkoepel filtert de buitenwereld als een koffiefilter de drab. Ik leg het boek dat ik in het café las, terug op tafel, tot straks, en het verse brood in de broodtrommel. Vervolgens is het terug naar de ligbank en genieten van dit koesterlicht. Ik laat de laptop dicht en de lichtschakelaar ongemoeid. Even mag de sneeuw mijn binnenwereld inpakken. Straks moet ik vast wel weer voor allerlei dingen naar buiten, maar nu even niet.
Lees meer

Blootje

Ik ben de enige op kantoor vandaag. Iedereen is ziek of met verlof of in elk geval elders. Sommigen werken thuis. Ik ben helemaal alleen en loop in mijn blootje rond. Al een week keek ik uit naar deze dag. Het is stil, geen gebabbel of muziek. Ik hoor mijn beenharen wapperen in de wind. Het kantoor heeft weliswaar hoge ramen, maar het gebouw staat middenin de bossen. Niemand komt hier, enkel de vogels kunnen me zien.
Lees meer

Spinnetje

Ik staar wat voor me uit. Tussen twee werktaken op een drukke dag waarop alles superbelangrijk is en dus eigenlijk niets. Ik zit vol weethetniet deze dagen. Ik heb al heel lang weethetniet. Soms denk ik dat ik al heel mijn leven weethetniet heb, maar er moeten dagen zijn dat ik geen weethetniet had.
Er schimt iets. Ik denk even dat het symbolisch is, maar zo’n verhaal ben ik nu niet aan het schrijven. Dus zet ik mijn bril af en kijk naar de glazen. Op het glas zit een babyspinnetje. Ik was net buiten gaan roken. Terwijl ik daar stond te weethetnieten zal de babyspin aan een draadje tegen me aan gezweefd zijn. Het spinnetje stapt parmantig rond. Mijn bril is nu zijn bril. Maar zo gaat dat zomaar niet, spinnetje, brom ik zachtjes. Ik blaas de spin van mijn bril en probeer me terug op mijn superbelangrijke werk te richten.
Even later schimt er weer iets. De spin klautert terug aan zijn veiligheidsdraad naar mijn brilleglas. Het is zijn glas, immers. Ik voel bewondering voor zijn volhardende strijd. Iets zachter blaas ik opnieuw. De spin zakt wat omlaag maar klimt meteen weer omhoog. Mijn brilleglas is zijn nieuwe thuis. Lees meer

Snack

De Poes en ik hebben een spelletje. Eigenlijk is het meer een soort afspraak. Ik kijk haar regelmatig eens diep in de ogen en vraag dan: Poes, welke dag is het vandaag ? Haar pupillen verwijden en haar staart gaat in milde verwachting omhoog. Ik zeg vervolgens: Is het vandaag… en vervolgens de dag van de week op een vragende manier. Al negen jaar spelen we dit spelletje. Noem ik een andere dag dan dinsdag of vrijdag dan zakt haar staart teleurgesteld. Ik weet het, het is een beetje gemeen. Maar mijn Poes kent hierdoor wel de dagen van de week. Kent jouw kat ze ? Dat bedoel ik.
Lees meer

Verlopen

Alles hier is verlopen. Dat verwoord ik verkeerd. Al het eten in mijn kasten dat ik expres kocht voor de lange houdbaarheid, blijkt verlopen te zijn. En niet weinig verlopen ook. De helft van de just-add-waters die ik achteruit de kast pluk was al verlopen voor jij besloot dat wij weer jij en ik zouden worden. Lusteloos gooi ik het meeste eten weg. De kindjes in Afrika hebben waarschijnlijk toch geen water om te just-adden.
Lees meer

Kip

“Zo,” blaast de bevriende acteur zijn sigarettenrook, “ik heb mijn goede daad voor vandaag weer gedaan. Heb zojuist iemand een kip gegeven.”
Ik, grappig bedoeld: “Een levende zeker ?” Maar de acteur knikt nog ja ook. Hola, wat ?
“Een levende kip, ja. Ik was daarmee aan het fietsen, en mensen zagen de kip en vonden hem schattig en wilden hem hebben. Dus heb ik hen de kip gegeven.”
Eigenlijk waren mijn terrasgezelschap en ik net middenin een volledig ander gesprek maar dit verhaal is nu al verwonderlijk genoeg dat we het gesprek direct vergeten zijn. Maar dan mag de acteur toch ook eerst even uitleggen waarom hij met een kip aan het fietsen was. “Ik heb die kip net een week gehad, maar dat kakt zoveel he, dat ging gewoon niet meer in mijn kleine tuintje. En dat staat zo steeds bij de trap te wachten tot ze naar binnen mag en wil de hele tijd bij mij zijn. Het zijn sociale beestjes he. Een kip alleen, dat gaat in feite niet.”
Oke, maar het is ons nog altijd niet helder: hoezo had hij een kip dan ? Lees meer