Snack

Verhaal door René van DensenDe Poes en ik hebben een spelletje. Eigenlijk is het meer een soort afspraak. Ik kijk haar regelmatig eens diep in de ogen en vraag dan: Poes, welke dag is het vandaag ? Haar pupillen verwijden en haar staart gaat in milde verwachting omhoog. Ik zeg vervolgens: Is het vandaag… en vervolgens de dag van de week op een vragende manier. Al negen jaar spelen we dit spelletje. Noem ik een andere dag dan dinsdag of vrijdag dan zakt haar staart teleurgesteld. Ik weet het, het is een beetje gemeen. Maar mijn Poes kent hierdoor wel de dagen van de week. Kent jouw kat ze ? Dat bedoel ik.

Op de twee speciale dagen vervolg ik: Krijg jij iets speciaals op dinsdag/vrijdag? (Doorhalen wat niet van toepassing is. Nee, niet echt doen, dat is je beeldscherm gekkie. Eerst het verhaal uitprinten op papier en dan dáárop doorhalen wat niet van toepassing is. Oh, je leest dit te laat, ja daar hou ik me niet voor aansprakelijk.) Soms miauwt ze heel zachtjes – de Poes miauwt eigenlijk nooit. Hoe dan ook weet ze wat er gaat gebeuren. Ik dik het soms nog even theatraal aan: Echt waar, krijg jij zomaar wat lekkers op doorhalen wat niet van toepassing is ? (Leg die pen gewoon weg, je hebt al genoeg schade aangericht.)

Ons spelletje bereikt het hoogtepunt als ik vraag: Lust jij….. (jijjjjjjjjjjjj extra langgerekt) …… een snack ? Ja, dat lust ze duidelijk wel. Ik vraag het soms nog eens, maar ze staat al in de keuken met een blik van: We weten allebei hoe dit eindigt, schiet nu maar op. Dan pak ik uit de lade een zakje natvoer en babbel nog wat theatraals naar de Poes, maar die luistert allang niet meer. Ik open het zakje om de snack op een bordje te doen.

Er stroomt een grote hoeveelheid water uit en ik schrik. Water ? De kat schrikt ook terug en snapt het niet goed. Normaal zijn dit blokjes vlees en saus. Het valt me nu ook pas op dat dit een veel groter zakje is. Ik kijk op de zijkant. Kattenwater. Wat is dat nu voor onzin, mompel ik nors. Kattenwater. Hebben ze er zeker weer als promotie bij gedaan. Zoiets verkoopt toch nooit. Katten drinken gewoon water uit de kraan. Of zelfs nog liever, van dat vuile tuinwater vol muggenlarven en vuil. Kattenwater. De fabrikanten hebben weer iets bedacht. Wat een onzin. De halve keukenvloer is nat.

Ik schrik wakker. Donker. Oh ja. Het is donderdagnacht. Morgenavond krijgt ze pas weer snack. De Poes kijkt mij indringend aan. Heel, heel indringend. Een beetje boos, lijkt het. Ik probeer de gedachte dat ik haar gevraagd heb of ze een snack lust in mijn slaap, te verdringen en draai me nog eens om. De Poes scherpt haar nagels aan een krabpaal. Ik hoop dat ik de vrijdagavond nog red en sluit mijn ogen.

Kaarter

Verhaal door René van DensenPfoe, wanneer het begonnen is. Dat zal al een goede tien jaar geleden zijn. Wellicht langer. Ik schrijf dit dus ik mag het ook verzinnen, maar eerlijk gezegd weet ik het ook niet. Ze begonnen me gewoon ineens op te vallen. Speelkaarten. Gewoon, zomaar, op straat. En dan niet een heel deck dus hè, maar gewoon één losse speelkaart, helemaal uit context, zomaar, midden op het trottoir. Dat je denkt, huh. Of je denkt er even niets bij en loopt meerdere keren er langs, naar de supermarkt, terug, naar het café, en de kaart begint op te vallen. Op zo’n manier moet het begonnen zijn. Dat je er opeens tóch op gaat letten. En dan zie je ze ineens overal.

Nee, niet overal. Dat doet het klinken alsof ik geen straat in kon lopen, geen deur open kon doen, dat ik omsingeld was door massa’s speelkaarten. Welnee. Van die onverhoopte momenten. Eens in de zoveel weken of zo. Maar wel ongeacht welke wijk, welke stad, welk land zelfs. Ik kom ze tegen. Op een bepaald moment begon ik ze mee te pakken in mijn jaszak. Zomaar. Een vriend zag dat ik een zak vol speelkaarten had en vroeg waarom. Ik haalde mijn schouders op en antwoordde naar waarheid, gevonden. Hij vond het razend interessant en wist me te vertellen dat speelkaarten spirituele betekenissen hebben. Of ik die ook opzocht wellicht. Ik wist van niets. Onderweg naar huis liet ik de kaarten weer vrij. In allerlei straten. Het was een lange wandeling. Ik vond het te ingewikkeld worden.
Continue reading “Kaarter”

Verlopen

Verhaal door René van DensenAlles hier is verlopen. Dat verwoord ik verkeerd. Al het eten in mijn kasten dat ik expres kocht voor de lange houdbaarheid, blijkt verlopen te zijn. En niet weinig verlopen ook. De helft van de just-add-waters die ik achteruit de kast pluk was al verlopen voor jij besloot dat wij weer jij en ik zouden worden. Lusteloos gooi ik het meeste eten weg. De kindjes in Afrika hebben waarschijnlijk toch geen water om te just-adden.

Ik plof op de zetel met een kop soep die eigenlijk net voor kerst vorig jaar bereid had moeten worden. Ik vraag me af hoe dood je gaat van één kop verlopen soep. Misschien krijg ik er een verlopen kop van. Of een buikverloop. Hoe dan ook wil ik geen nieuwe soep halen, buiten. Ik heb geen schoenen aan en het is ver lopen. Dat laatste is een flauw grapje dat ik hardop uitspreek. Ik ben de enige die lacht. Dat is niet erg want ik vind mijn eigen grapjes heel leuk.

Het alleen zijn gaat prima, zeg ik hardop tegen de kat. De kat en één vervelende bromvlieg zijn samen met mij alleen. Ik zeg tegen de vlieg dat ik nog wat allener zou willen zijn. De vlieg snapt de hint niet en landt op de rand van mijn soepmok. Ik hoop dat de vlieg snel zal verlopen.

De kat kotst wat. De kat kakt wat. De kat krult wat tegen me aan. Ze vindt het best dat wij alleen zijn. Ik zucht wat. Ik aai wat. De dagen verlopen. Er hoeft niet eens meer water bij.

Zwek

Droef Gent webshopKijk. Zo kun jij eruit zien. Ja, echt waar, ook als je een man bent. *
Ik heb namelijk helemaal niets geleerd van de petjes die ik ooit liet maken waar slechts enkelen van jullie er een of meer van hebben aangeschaft. Of niets, niets, dat is wat weinig gezegd. Er is nu een webshop met een gigantische keus aan kleding- en andere producten met designs van mijn hand erop gedrukt, zowel een aantal Droef.Gent posterontwerpen als de welbekende protesttoeter. In witte of zwarte variant en dus met heel veel keus. Het is POD (Print On Demand) dus ze drukken het shirt of de pet of de mok of wat dan ook pas, wanneer jij het bestelt.

Ik heb zelf al (ja écht) een testbestelling gedaan en het zeer efficiënte (Duitse) bedrijf achter dit concept had het binnen 12 uur al verstuurd. Vervolgens moet het wel nog van Duitsland komen dus het is ook weer niet zo dat ik het razendsnel binnen had gekregen, maar het verzenden gaat rap. Per verkocht product gaat er een beetje geld naar mij. Hoe meer ik verkoop, hoe meer geld dat is. Ik hoop dus eigenlijk toch een beetje dat het een succes wordt, maar de huur zal ik er sowieso niet van kunnen gaan betalen.

Uiteraard verkoop ik liever boekjes. Maar ik ben met meerdere boeken tegelijk bezig die ik maar niet af lijk te maken (niet de slimste aanpak wellicht) en zit alweer eens volledig zonder inkomsten. Nu ben ik van u gewend dat u toch niets koopt. Nooit. Zo bent u niet. Dingen kopen, bah. Liever leest u gratis mijn verhalen en gedichten. Dat mag en kan ook. Maar eerlijk gezegd vind ik de verschillende shirts zélf al mooi genoeg om ze minstens even onder uw aandacht te brengen. U hoeft dus helemaal niet op deze link te klikken en iets te bestellen. Maar het mag altijd wel. Dus koop mijn zwek. Als u wil.

Vanzelfsprekend is de kans dat je 100% hetzelfde eruit gaat zien als de beeldschone vrouw op de foto nihil, maar je mag geloven wat je wil als je daar gelukkiger van wordt. Mocht je dus niet gelijken op de foto na aanschaf van een van mijn producten, dan ben ik niet legaal aansprakelijk, maar heb ik wel een tip. Print de foto eens op groot formaat uit en plak die over je spiegel. Wellicht dat je je dan alweer veel beter voelt.

Kip

Verhaal door René van Densen“Zo,” blaast de bevriende acteur zijn sigarettenrook, “ik heb mijn goede daad voor vandaag weer gedaan. Heb zojuist iemand een kip gegeven.”
Ik, grappig bedoeld: “Een levende zeker ?” Maar de acteur knikt nog ja ook. Hola, wat ?
“Een levende kip, ja. Ik was daarmee aan het fietsen, en mensen zagen de kip en vonden hem schattig en wilden hem hebben. Dus heb ik hen de kip gegeven.”
Eigenlijk waren mijn terrasgezelschap en ik net middenin een volledig ander gesprek maar dit verhaal is nu al verwonderlijk genoeg dat we het gesprek direct vergeten zijn. Maar dan mag de acteur toch ook eerst even uitleggen waarom hij met een kip aan het fietsen was. “Ik heb die kip net een week gehad, maar dat kakt zoveel he, dat ging gewoon niet meer in mijn kleine tuintje. En dat staat zo steeds bij de trap te wachten tot ze naar binnen mag en wil de hele tijd bij mij zijn. Het zijn sociale beestjes he. Een kip alleen, dat gaat in feite niet.”
Oke, maar het is ons nog altijd niet helder: hoezo had hij een kip dan ?
“Ik had die gekocht. Dronken. Ik had gigantische goesting in eieren maar in alle nachtwinkels waren de eieren verkocht. Dus toen heb ik een kip gekocht.”
Mijn terrasgezelschap wordt het nu te gortig: “Wacht. In welk universum geraak je makkelijker aan een kip dan aan eieren ?”
Hij, lachend: “Ze hebben op zondag op de Oude Beestenmarkt altijd kraampjes waar je vogels kunt kopen en onderweg naar huis kwam ik daar langs juist toen ze begonnen met opbouwen. Dus ik had toen het briljante idee om een kip te kopen. Want dan had ik eieren. Dus ik word de volgende ochtend wakker en daar op de vloer liggen nog wat maten van mij te slapen, en ik zie zo die kip pikken op het hoofd van mijn beste maat, die zo wakker wordt van: ‘ah nee niet wéér he’.” Ik schiet hard in de lach en ben blij dat ik niet net een slok bier aan het drinken was.
“Maar zoals ik al zei, mijn tuintje is toch wat te klein en zo’n beest moet gezelschap hebben, maar ik nam haar dan overal maar mee naartoe op de fiets. Ze zat dan zo op mijn arm, lekker chill. Ik zat daarstraks nog met d’r op het terras, daar in dat hoekje. Het was verder zeer fijn gezelschap, maar één kip alleen, dat gaat eigenlijk niet. Dan moet je er twee hebben, en daar is het bij mij echt te klein voor.”
Mijn gezelschap oppert: “Of een kip en een haan, dan heb je altijd eieren én vanzelf nog meer kippen ?”
“Da’s waar, da’s waar. Maar neen. Die mensen waar ik haar aan meegegeven heb, hebben een veel grotere tuin, en eenden en vanalles daar, dus nu komt ze op een ideale plek terecht. Maar ik ga haar toch missen. Ze had al een naam en alles. Chickie Conchita.”
Hij kan gelukkig goed met ons meelachen want we liggen volledig dubbel. “Maar mijne maat binnen, achter de bar, die is nóg gekker, man. Die heeft een keer een haan gekocht, en geloof me, domste aanschaf ooit.”
Ik knik begrijpend: “Vermoedelijk waren in de nachtwinkels alle wekkers uitverkocht.”

Haat

Verhaal door René van DensenIk haat prachtige mensen en jullie zijn met zovelen. Vandaag zag ik een man een half uur worstelen met het ophangen van de vlaamse vlag en op het moment dat mijn ogen afgedekt werden achter mij door degeen waar ik op aan het wachten was, hing de vlag nog niet juist. Ik zag dezelfde persoon die mijn ogen afdekte vandaag kwetsbaar in de branding van de zee springen en dansen terwijl talloze mensen in uiteenlopende outfits en met allerlei andere honden slenterden en renden over het strand. Het leven is prachtig om te observeren. Ik liep later die avond door een straat vol hoerenlopers en niemand was hetzelfde. Daarna zat ik op een bankje aan het water en het was net of iedereen van een feest kwam. Hoe leven jullie zo uniek jullie levens en maken het een feest voor een observator ? Ik ontplof steeds in mijn borst dat ik weer een dag heb om te zien dat mensen elkaar ontmoeten, bespotten, haten, liefhebben, knuffelen, slaan, bestelen, herenigen, helen. Het is teveel op sommige dagen om te zien wat we met elkaar doen, het zwarte, het lichte, het alles. We dragen elkaars lasten of verlichten het andere. Hoe, hoe, hoé zijn mensen zo bijeen en tegelijkertijd zo afstandelijk van elkaar en ook soms zo hatelijk, zowel naar wie ze kennen als naar wildvreemden. Ik snap veel dagen niets van de mensheid omdat we allemaal samen in zo’n wilde dans met elkaar zijn in een vergetelheid en besef dat we niets zijn, dat in het bestaan van deze blauwe knikker we maar een voetnoot zijn. Ik lees jullie boeken, ik zie jullie instagrams, ik voel jullie knuffels en ik incasseer jullie haat. Wat een prachtig geheel zijn we toch. Ik haat prachtige mensen en jullie zijn met zovelen.

WIJZAAK

Ik zou
gewoon willen liggen,
smelten, niet meer bijzijn

Met jou
zag willen ziggen,
waaien, zonder bijzaak

Getrouw
kaf met het koren,
oogsten, samen vrij zijn

Een bouw
schuil verschoren,
kudden, zonder zijzitten

Ik zou
stemmen laten zingen,
vogels, zonder eiwitten

Met jou
dongen naar de dingen,
sieren, niet bijzitten

Getrouw
zullen wij verdwijnen,
duelen, samen wij zijn

En plots
zullen wij verschijnen
eenheid, zonder wijzaak.