Korte proza

Ventilator

Ik wou alleen maar een ventilator. Een goedkope. Het wordt nog meer zomer deze zomer, en mijn vorige goedkope ventilator is op. Het eerste zomerslachtoffer. Dus ik loop de goedkopespullenwinkelketenwinkel binnen. Even, éven, een ventilator halen. Dat valt vies tegen. Sinds mijn zware concentratieproblemen vorig jaar begonnen, vind ik niet alles meer op dezelfde plek als waar ze horen te staan. Een beetje alsof het universum stukjes mist. Dat is natuurlijk niet zo: ik mis stukjes. Het universum is er nog best okee aan toe. Dat gaat mij wel overleven. Garantie afsluiten niet nodig.
Lees meer

Wie ik ben

Verstoord kijk ik de tankstationbediende aan. Ik heb nu al allures. Weet hij soms niet wie ik ben ? Nee, geeft hij toe, dat weet hij niet. Ik ben een fenomeen, help ik hem dan maar een beetje. O, zegt de bediende. Nee, natuurlijk heb ik geen interesse in zijn aanbieding, zeg ik. Okee, zegt de bediende, en fijne dag verder nog. Ik loop het winkeltje uit met mijn sigaretten, blij dat ik de man een beetje in zijn algemene kennis heb kunnen helpen. Dat er nog mensen zijn die me niét kennen, je snapt het soms niet.
Lees meer

De fantasie

Als de fantasie ‘s ochtends een ommetje wil gaan maken, trekt hij zijn sjaal aan en zet hij zijn koddige petje op. Hij heeft er zin in. Welk onheil hem boven het hoofd hangt, kan hij nu nog niet vermoeden. De fantasie gooit een botersnoepje in zijn mond en loopt neuriënd de deur uit. Het is droog. Dat is al heel wat. Gisteren zwommen de mensen in de straten. De fantasie zou graag hebben gehad dat dit verzonnen was, maar het was echt. Het gaat slecht met de fantasie: de realiteit wint terrein. De realiteit is de aartsvijand van de fantasie. Volgens de vrouw van de fantasie kan hij niet zonder de realiteit, maar dat weet hij nog zo net niet.
Lees meer

Net als in de film

In een film is alles mooier. En ook alle vervelende dingen zijn uiteindelijk niet écht. Geloofwaardig, af en toe, maar niet echt. Daarom besloot ik van mijn leven maar een film te maken. Kijken of het daar leuker van wordt. Wie weet zou het nog wat opleveren ook. Aan een film valt geld te verdienen. Ja, hoe meer ik erover dacht, hoe meer ik het zag zitten. Dit kon niet misgaan. Natuurlijk kon het wel misgaan. Alles wat ik onderneem kan misgaan. Maar als dit misgaat, dan gaat het meteen ook niet helemaal echt mis. Net als in de film.
Lees meer

Ooit, met wapperende gordijnen

Ik had niets en zij had schulden. Maar we hadden elkaar en de droom. Ergens haat ik het om zoiets privés als dit uit te schrijven, maar we droomden beiden van wapperende gordijnen en schrijven. En voor de rest, verzonken in elkander, naar de kloten gaan. Soms ontmoet je zo iemand en denk je enkel, ja, als mijn leven toch moet ophouden, dan maar zo. En even zag ik in haar prachtige ogen hetzelfde. Maar toen gebeurde wat altijd gebeurt: de realiteit. Wie ik ben, wat ik uiteindelijk doe, waar we uiteindelijk zijn. Voor mij is dat punt een verrrukkellijke, symfonische wake up call. Voor haar was het een schreeuwend, zeurend wekkergeluid.
Lees meer

Opblaasbal

Er zit geen wending meer in mijn weken. Weekend bestaat niet meer. Heel lang heb ik gepoogd een weekpatroon vol te houden. Zelfverlakkerij, uiteraard. Als de dag geen reden heeft om een dinsdag te zijn, is het gewoon een dag. Een in een lange, schuifelende rij. Ik probeer nog steeds sommige dagen een eigen betekenis toe te kennen, zoals de dagen dat ik bij de Opperpater thuis, in Club P., mag langskomen. Maar zelfs die roepen eerder een ‘oh ja, dat is vandaag’ besef op wanneer het kalmpjes richting te laat kabbelt. De tijd is een uitdijende zee van onbenutte potentie. Ik ben een opblaasbal.
Lees meer

De dagen

Dagen dat je je poriën voelt jeuken. Dat elk woord stroperig uit je vingers druipt. Dat zelfs een kogel niet wil opschieten. De dagen dat de wereld bevolkt lijkt met trage mossels en andere bejaarden die allemaal tegelijkertijd in je weg gaan rijden of lopen. Dat je er niet aan zou moeten denken dat je ooit weer alcohol consumeert. De dagen dat de kat enthousiast miauwend binnen komt rennen en het je totale zelfbeheersing kost om haar geen aframmeling te geven. Ze merkt er natuurlijk niks van. Het is maar een gevoel, een gedachte. Geen daad.
Lees meer

Moeras

De caissière kijkt me ongeduldig en serieus aan. Ze herhaalt haar vraag. “Hoeveel weegt een kilo veren, meneer ?” Ik sta klaar met geopende portefeuille, licht naar haar gebogen, waarschijnlijk een diep ongelovige blik op mijn gezicht. Ik ben stomgeslagen. Zacht schraap ik mijn keel: “Pardon ?” Ze zucht, en wijst op een bordje aan de muur. Daar staat het ook. “Hoeveel weegt een kilo veren ?” Ik antwoord schuchter dat ik geen expert ben, maar dat het vermoedelijk een kilo weegt. Daar knikt ze stilletjes bij en vervolgt: “Hoe Lang is een chinees ?” Ik kijk naar de mensen achter mij in de rij, maar die kijken vooral vol ongeduld naar mij. Ik knik maar wat en zwaai met mijn betaalkaart.
Lees meer

Gil

De Opperpater en ik kijken naar een film waar een jonge blonde vrouw in speelt. En een hele grote aap. De aap oogt de ene keer als een man in een rubber pak, de andere keer nog best realistisch. Ik zeg dat de film eigenlijk best oud is. De hoofdrolspelers zijn inmiddels zo ongeveer aan hun pensioen toe. De Opperpater beaamt verschillende dingen terwijl hij bier drinkt en staart naar de toen nog prachtige jonge blonde actrice.
Lees meer