Beest en natuurtjes

Wie denk je dat je bent

Dit is gewoon mijn week niet, denk ik berustend terwijl zijn hand mijn keel grijpt. Zo sta je in een lange rij voor de geldautomaat, zo staat er een groep opgefokte kindjes – jongeren mag dit groepje amper heten – oorlogsverklaringen naar je te brullen. Omdat ze zelf voordrongen en jij het lef had er iets van te zeggen.

“Wie denk je dat je bent,” spuugt hij in mijn gezicht, dreigend zijn kop voor de mijne. Ik hou mijn rug recht en zeg kalm terug dat ik denk dat ik iemand ben die in de – hij onderbreekt me en schreeuwt wie ik denk dat ik ben, alsof ik zijn vraag niet gehoord heb. Ik verlies iets van mijn resterende kalmte en brul: Ik denk dat ik iemand ben die gewoon net als iederéén in de rij stond, lul !
Lees meer

Heeft u onze kat gezien ?

In deze straat worden alle katten vermist. De bomen en lantaarns hangen vol met poezensnoeten. Geen enkele kat wil hier blijkbaar blijven. Zwetend strompel ik langs de telefoonnummers en grote hoofdletters. De baasjes zijn ten einde raad.
Ik vraag me af of ik hier zou blijven als ik een kat was. Het is een straat zonder voortuin, en je hebt enkel uitzicht op het rolluik van de overburen. De bomen bladderen zich kaal. Platanen, uiteraard. Iemand heeft ooit bedacht dat platanen goede stadsbomen zijn.
Lees meer

Beter een kamerplant genomen

Grommend duw ik een winkelwagentje door de brandgang. Het paniekerig miauwen van mijn kat verstilt. Het wagentje maakt veel lawaai en, versterkt door de brandgangwanden, klinkt waarschijnlijk dreigend naderend. Ik verbaas me nog één keer dat ik dit ga doen. En dan stap ik op het wagentje en klim op het schuttingdak van de buren van mijn buren.
Lees meer

Kutmerel

Ik weet het. Bij het fluiten al. Je bent geen duif of kraai, geen lijster en geen mus. Je bent een fucking kutmerel. Beetje lawaai lopen maken met je stereotype fluitgeluid.

Ik moet eigenlijk nog gaan slapen en je fwietfwiet erop los alsof het een lust is. Ik weet wie je bent, kutmerel. Je loopt stoer te doen met ha ha de dag start. Maar alles is nog donker. Zelfs de kiekens zijn niet wakker. Jij, daarentegen, loopt te roepen dat de dag gestart is. Dat is hij niet, he maat, enkel omdat jij dat zegt.
Lees meer

Diep

Claudia had haar naam niet mee, maar des te harder compenseerde ze. Om vooral als een Diepe Vrouw over te komen. Ze droeg daarom Serieuze Kleding, die elegant en ongewoon gekleurd kon wapperen in de wind. En waar ze ook stond, ze had een Diep Verzonken Blik. Naar iets in de verte. Dat waarschijnlijk nog veel verder weg was dan het punt waarheen ze staarde. Ze staarde met een vuist onder haar kin en een elleboog op haar knie.
Lees meer

Nieuwe geur

‘s Nachts droom ik dat er iets spannends gebeurt, maar eerst heb ik nog wat tijd. Dus ga ik een bolletje wol kopen voor de kat. Dan gaat de wekker. Mijn arm beweegt ernaar en mept op snooze. Ik zet mijn wekkers strategisch te vroeg, zodat ik kan doorsoezen in plaats van langer uitslapen tot het tijdstip dat ik écht op moet. Er zit een bepaalde logica achter, geloof ik. Of het is zo gegroeid, over de jaren heen.
Lees meer

Het mag niet van de cijfers

Wanneer hij dreigend naar me toe buigt, kijk ik hem recht aan. Ik zie een enorme leegte. Maar ook een overweldigende honger. Ze zijn me nu al uren aan het verhoren, hij en zijn maat. Wat ik misdaan heb, geen idee, maar daar zit ik dan, bij de cijfers. Specifieker: bij een agressieve acht en zijn wat mildere maatje zeven. Wat waarschijnlijk een spel is. Good count, bad count.
Lees meer