Prozacstad 2

Zenuwen

De Opperpater kijkt voor zich uit, naar de TV. Met een blik waarvan je je moet afvragen hoeveel hij registreert. In een stabiel tempo drinkt hij zijn halveliter bier leeg en rookt hij zijn sigaret. Blik aan lippen, filter aan lippen. En nog eens. Zoals een ander gewichtheft. Of de Vierdaagse loopt. Links, rechts, links, rechts.

Dan zwaait zijn oog naar zijn linker ooghoek. Rechtstreeks kijkt de Opperpater mij aan. Ik zit te staren en ben betrapt. Hij kijkt als een wild dier. Een wild dier dat nog niet zeker weet of je prooi, vriend of bedreiging bent. Een instinctieve respons. Hij draait zijn hoofd nog niet, maar hij heeft gezien dat ik zit te kijken. Als ik blijf kijken, zal hij zijn hoofd wel draaien en er iets van zeggen.
Lees meer

Brief aan een organisator (slot)

Hoi Wim,

noot: Wim’s naam en de plaatsnaam nog veranderen voor publicatie
Ik zal eerlijk zijn: ik heb koudwatervrees gekregen over dat poëzie- en muziekavondje van je. Hoe je beschreef dat het ‘braaf publiek’ zou zijn, beangstigt me. Brave mensen zijn griezelige mensen. Ze zijn tot de gruwelijkste dingen in staat, Wim.

Brave mensen zijn bang van wat ze niet begrijpen. En brave mensen begrijpen niet veel. In hun angst maken brave mensen enorm gekke sprongen. Ik ben gewend op te treden voor bendes apen. Die meestal nog dronken zijn, ook. En waar je dus melige onzin voor kunt voordragen. Terwijl je bier over je papier morst. Zoiets verwachtte ik dus ook. Een groezelig bruin café met joelende dronken apen.
Lees meer

Bovenkin

Speels trekt ze aan zijn onderlip. “En dit,” grijnst ze, “hoe heet dit ?” Met haar vingertop strijkt ze over zijn kin. “Hoe heet wat ?” vraagt hij stilletjes.

“Dit,” zegt ze, en ze bijt zachtjes in zijn kin. “Dat stukje tussen je lip en je kin. Dat moet toch ook een naam hebben ? Ik weet niet hoe je dat noemt. Is het een bovenkin ?” Hij grinnikt en trekt zijn arm iets strakker om haar heen. Glimlachend staart ze in zijn ogen. “Nee maar echt,” houdt ze voet bij stuk, “dat héét toch iets ?”
Lees meer

Muziek

Muziek. Dat was, zo bedacht hij zich, toch een flink private aangelegenheid geworden. Sinds de oortjes. Mensen lopen rond, met oortjes in hun oortjes, en beleven zo een muziekervaring waar enkel hun muziekapparaatje en zijzelf van weten. Als een stiekeme, intieme influistering.

Daar loopt een dame in bijna overdreven tuttig mantelpak. Ze is jong, maar draagt een ouderwetse bril en een knot. Haar mond is zuur bijeengetrokken. Takketakketakketakke op haar hakken. Strak tempo. Het zou hilarisch zijn, bedacht hij, als nu ondertussen een oversekste hiphopper in haar oor rapt over seks. Over kontneuken en over billen schudden. Terwijl hiphopmeisjes het refrein erdoorheen kreunen. Stilletjes grinnikt hij.
Lees meer

Brief aan een organisator (5)

Beste WimEngelbert-Justus,

Ik waardeer hoezeer je met me meedenkt. Nee, de tijden zijn niet makkelijk geweest. Inderdaad. Ik bijt al een tijdje op allerlei houtjes, niet zelden tweedehands, of zelfs tweedehonds. En dat is niet lekker, kan ik je verzekeren. Van die hondekwijl in je mond. Toen ik je zei dat ik misschien alsnog niet kon komen optreden, wegens geldgebrek, ontroerde het me dat je met zoveel mogelijke oplossingen aan kwam zetten.

Je begon nog met: “Jamaar maat, er komt daar volk af se, en die hebben geld he, die poëziemensen. Zeker de wijven. Allemaal dure kleedjes aan en hippe kapsels. En anders de gasten die indruk op hen willen maken wel, die bulken helemáál van het geld. Als je dat optreden goed doet, verkoop je ineens ál je boekjes uit.”
Lees meer

Brief aan een organisator (4)

Hoi Steven,

ik ga stoppen met beweren dat je geen Wim heet, want op termijn gelooft niemand dat meer. Dat werkt averechts. Dus noem ik je vanaf nu Steven, zodat er verwarring blijft over je achternaam. Steven Paeshuyse. Haha, nee, grapje.

Ik heb je posterontwerp bekeken voor de dichtersavond. Niet om kinderachtig te doen, maar het is belachelijk dat mijn naam op dezelfde lettergrootte staat als de andere optredende artiesten. Ten eerste ben ik de enige buitenlander en dus speciaal. Ik heb keihard geploeterd om in het buitenland geboren te worden. Daar wens ik toch wel wat erkenning voor te hebben. Er wordt in jouw land veel te weinig benadrukt dat buitenlanders als ik uit het buitenland komen. Sowieso is daarnaast mijn naam korter, dus enkel door de toevoeging “(NL)” kom ik nu ongeveer aan dezelfde ‘lengte’ als de rest.
Lees meer

Brief aan een organisator (3)

Yo Grandmaster W.,

oke, zo zal ik je niet meer noemen, Wim. Ik dacht, ik probeer iets nieuws, maar nu ik het zelf zwart op wit zie staan denk ik mmmmnee.

Wat een eer, dat je me vroeg om Stadsdichter van Turnh… van jouw stad te worden. En wat fijn dat je me verzekerde dat Tur, eh, de stad, me met open armen verwelkomt. Het verbaast me, aangezien ik er enkel zo nu en dan wat biertjes heb gedronken. Bij jouw evenementje, binnenkort, treed ik pas voor het eerst op. En dat je me dan al meteen tot volgende Stadsdichter wilt kronen, het komt echt als een grote verrassing. Zwaar vereerd, echt. Ik zeg volmondig: ja !
Lees meer

Varken van het Vrije Woord

Mijn vriend vraagt wat ik wil drinken. Koffie, zeg ik. Hij zegt dat zijn water afgesloten is, maar koffie moet nog lukken. Terwijl zijn apparaat een bakje koffie ratelt, laat hij zien wat hij gekregen heeft, ter compensatie van de werkzaamheden waardoor hij zonder water zit: één plastic voorraadzak water. Genoeg om van te drinken, dat wel, maar een spoelbak vullen of douchen lukt daar niet mee.

In Prozacstad was er een nijpend tekort aan waakhonden. Van de democratie. Dus werd er een avond georganiseerd, met een Initiatief. Dat moest het vrije woord weer aanmoedigen.

Hij zet de koffie op tafel en even zwijgen we. Is wel lekker. Er wordt al zoveel gezegd. Ik vraag hoe het nu gaat. Ik heb mijn vriend zeker een maand niet gezien.
Lees meer

Brief aan een organisator (2)

Lieve Wim,

Dank nog voor je lieve woorden na mijn vorige brief. Het doet me deugd te horen, dat je de tandenborstel die je eigenlijk wou weggooien, voor me bewaart wanneer ik moet onderduiken na mijn komende optreden. Niet elke organisator zou mij een schuilplaats voor de authoriteiten aanbieden. Toch wil ik het even over jouw evenement hebben.

Niet dat ik niet kom, gekkie. Natuurlijk kom ik. Ik kan nu immers met een gerust hart alles flikken dat ik wil: ik heb een schuilplaats. Bij jou, Wim, vinden ze me nooit. Ik kan zelfs gewoon hier, openbaar, vermelden dat ik bij jou onderduik. Komt niemand achter. De politie is zó dom, Wim. Bovendien leest bijna niemand deze site. Ik kijk wel eens naar de statistieken, dan zie je dat meteen.
Lees meer

Monoloog

“Ja, knikker. Dat is weer even geleden. Heb je wel wat te eten in huis ? Want ik heb niet echt een geweldige dag gehad. Ik voelde me al niet goed vanochtend. En dan heb ik ook nog boomstammetje met prei en gebakken aardappeltjes gegeten, maar dat was niet goed. Die gebakken aardappeltjes, die frituren ze gewoon, dus dat is al smerige zooi. En dat boomstammetje was helemaal verschrikkelijk. Dus toen kreeg ik ook nog op het werk diarree, heb ik heel mijn broek volgescheten. Dus ik na het werk naar huis, onderbroek en broek verwisselen. En wat denk je ? Ja hoor: moest ik ook nog eens een partij kótsen, niet normaal.”
Lees meer