Audio stories

Stadsstrand

Nabij mijn huis wordt een stadsstrand aangelegd. Zand. Dat is natuurlijk het eerste waar u aan denkt. Ik ook. De mensen van het standsstrand pakken het echter helemaal anders aan. Eerst komen de strandhuisjes. En de stoelen. En de entree. Palmboompjes. Desgevraagd zeggen ze dat het zand het laatst erin komt. “Het is rond die tijd in de aanbieding,” zeggen ze. Ook zijn ze niet overtuigd van de noodzaak van zand. “Andere stranden hoeven ook niet speciaal zand neer te leggen, dat is er gewoon al.”
Lees meer

Boze zon

Een beetje tureluurs wordt hij wel van ons, die zon. Dan staan we weer dichtbij, dan draaien we weer verder weg. En constant maar rondjes draaien. Laat staan al die satellieten en wolken die we constant tussen ons en hem in schuiven. Hij is het eigenlijk wel een beetje beu, die afstandelijkheid van dat rotplaneetje. Dus hij is zijn koffer aan het inpakken. Hij zegt toedeloe. Zoek maar een andere idioot om een beetje de zon uit te hangen, zegt hij. Ik heb er genoeg van. Voor niks doe ik dit. Jullie hebben er zelfs een gezegde over. En maar stroom leveren aan die lelijke panelen. En maar toerisme ondersteunen. Nee, ik heb er genoeg van. Ik krijg er niks, echt niks, voor terug.
Lees meer

Nieuw fruit

Er ligt nieuw fruit in de schaal. Ik weet niet wat het is. Mijn gebruikelijke fruit was er niet. Daar sta je dan, met je lijstje. En dan grabbel je iets wat op het beste alternatief lijkt. Om dan bij de kassa ineens te zien dat het iets heel anders is. En dat je geen idee hebt wat het is. Maar ik ben dan weer zo’n slappe lul die dat niet durft terug te leggen. Overmoedig denk ik dan bij mezelf, och, eens iets nieuws proberen. Ik ben benieuwd, houd ik mezelf voor. Om mezelf nog extra voor de gek te proberen te houden, neurie ik zacht een liedje. De kassamevrouw kijkt me geïrriteerd aan en ik geef haar een brede glimlach. Terwijl ze het nieuwe fruit over de pieppiep haalt.
Lees meer

Ik bubbel jou

I Bubble You - the orign

Revolutionair. Anders valt mijn concept niet te beschrijven. Alles wat u koestert. In een bubbel.
Fragiel maar beschermend. U weet meteen wat ik bedoel. Hoe het begon, dat is een ander verhaal. Want het begon met bubbeltjesappelsap waarbij iedereen ongedurig kéék. De directeur had een plan. We moesten allemaal samenkomen. Ja, typisch. Terwijl hij zich in een hoogwerker hees. Met zijn iPhone. Wij moesten bijeen. Voor het plastic zeil. De hal naast het bedrijf ging open. Anderhalf jaar gedoe. Maar nu toch de officiële opening. Iedereen verplicht aanwezig. Klik. Klikkerdeklik.  Voor het nageslacht. Hal drie. Joepiedepoepie, rakkers. Een kleurloze hal met TL-buizen en industriële rekken. Maar wel een aanwinst. Voor het bedrijf. Natuurlijk wisten we dat het meer werk voor minder mensen betekende. Maar hee, bubbeltjesappelsap. In champagneglazen. Dus iedereen eentje.
Lees meer

Heen-en-weer

Het was geen klein verlangen. De jongeman zuchtte. Zijn zicht duwde zijn pupillen zo ver mogelijk vooruit. Maar met al dat kijken en verlangen kwam hij geen millimeter nader. En het gras was er nochtans zo groen. Hij snakte. Zeg maar gerust dat zijn verlangen brobdingnagische omvangen bereikte. Toen hield hij het niet meer. Hij sprong uit zijn raam. In zijn boot. En vaarde naar de overkant.
Lees meer

Deeveedees

Rillend sta ik voor zijn deur. Het licht in de gang gaat aan. Voor het raampje verschijnt het hoofd van mijn vriend. Een vermoeide blik, wanneer hij ziet dat ik het ben. Beschaamd en bedruimeld sta ik in de stromende regen. De sloten klakken. Ik ben zwaar verslaafd en ik weet het. Deur op een kier. Ik vraag bedremmeld of ik ‘m even mag zien. De deur zwaait verder open en ik haast mij de gang in. Achter mij sluit mijn vriend zuchtend de deur. Als hij geweten had dat ik zo vaak langs zou komen, was hij nooit akkoord gegaan.
Lees meer

Kom je weer naar Club P.

Of ik binnenkort weer eens naar de Opperpater kom, vraagt de striptekenaar. De striptekenaar zit in de kroeg. Ik ook. Ik wist dat vroeg of laat iemand het zou vragen. Het was vooral afhankelijk welke van de andere gasten van Club P. ik het eerst tegen zou komen. Club P. is de woonkamer van de Opperpater, waar twee keer per week een kleine groep mensen welkom is om film te kijken en bier te drinken. Ik antwoord, naar waarheid, dat mijn huidige werk in de weg zit. Ik werk tot laat en heb dan te weinig puf om nog film te gaan kijken bij de Opperpater. Liever til ik mijn pijnlijke voeten op de rand van de bank en blijf zo een paar uur liggen. Kat op schoot. Bijkomen.
Lees meer

Een op de drie

Het is een bizar goedkoop geschoren poedel. Onwillig wordt hij door de man meegesleept. De man heeft die typische zaterdagmiddagblik die alleen winkelende mannen van middelbare leeftijd met een boodschappenlijstje in andermans handschrift op zak kunnen hebben. Hij slaat aanvankelijk amper acht op de hond aan zijn zij. De hond ook amper op hem. De man wil afrekenen en weg. Goddank dat er nog altijd mannen met winkelvrees zijn. De poedel met de slechte coupe is jong. Al het voer in de dierenwinkel is luchtdicht verpakt, dus begrijpt ook hij niet wat ze daar doen.
Lees meer

Bastion

Als ik wakker word, blijkt de buitenwereld mijn hoofd te belegeren. Een reusachtige hoeveelheid buitenwereld valt me aan. Maar dan hebben ze buiten mijn kop gerekend. Daar komt een buitenwereld niet zomaar in. Zelfs niet met alle geweld van de wereld. Mijn hoofd onderhoudt een gezonde handelsrelatie met de buitenwereld, maar daar blijft het bij. De volle verdediging wordt nu dan ook ingezet.
Lees meer