Nabij mijn huis wordt een stadsstrand aangelegd. Zand. Dat is natuurlijk het eerste waar u aan denkt. Ik ook. De mensen van het standsstrand pakken het echter helemaal anders aan. Eerst komen de strandhuisjes. En de stoelen. En de entree. Palmboompjes. Desgevraagd zeggen ze dat het zand het laatst erin komt. “Het is rond die tijd in de aanbieding,” zeggen ze. Ook zijn ze niet overtuigd van de noodzaak van zand. “Andere stranden hoeven ook niet speciaal zand neer te leggen, dat is er gewoon al.”

Uiteindelijk blijkt het zand niet in de aanbieding te komen en staan ze voor een dilemma. Ze besluiten zonder zand door te gaan. Het stadsstrand wordt een schitterende locatie waar mensen op stoeltjes bivakkeren in het gras. “Veel makkelijker in onderhoud,” roepen de organisatoren. Dat het publiek hierdoor niet laaiend enthousiast toestroomt, vinden ze niet erg. “Zo blijft dit mooie plekje lekker exclusief,” stellen ze. Daar hebben ze in zeker opzicht ook weer gelijk in, natuurlijk.

Wat stoort, is hoeveel mensen hun honden nog steeds uitlaten op het stadsstrand van gras. De honden piesen tegen de strandstoelen en palmbomen en schijten in de strandhuisjes. Al snel wordt de stank te erg en gaan de palmbomen, strandstoelen en strandhuisjes weg. Nu is het een leeg stadsstrand met gras. De organisatoren zijn niet uit het veld geslagen. “Beton, dat heeft de toekomst,” zeggen ze. Het plan is een groot stadsstrand aan te leggen van beton. “Dat heeft als voordeel dat we het ook overdekt kunnen maken. We kunnen zelfs denken aan meerdere verdiepingen. Een betonnen stadsstrand van 48 verdiepingen lijkt me wel wat. Met grote glazen ramen.”

Share Button

Door Rene van Densen

Schrijver, dichter en mafkees René van Densen publiceert niet alleen op internet. Er zijn ook boekjes van hem te koop in zeer gelimiteerde oplagen (en hij doet niet aan tweede drukken).

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *