Korte proza

A.Storm, superheld.

De seconden op zijn horloge tikten hard, maar verbeten zette hij voort. A.Storm, superheld zonder weerga, gaf zich niet zomaar gewonnen. Als hij nog even met al zijn macht zijn handen samenkneep, was de stalen ondersteuning herversterkt en kon de wolkenkrabber de naderende aardbeving weerstaan. Het metaal piepte en knarstte maar het lukte. Bij de eerste rilling van de aarde stond het megalomane bouwwerk stevig genoeg om er de komende vier decennia weer tegen te kunnen, en niemand in het hele pand wist dat A.Storm hen gered had. Daar was hij te bescheiden voor, A.Storm. Hij was al in razende vlucht onderweg naar de volgende noodtoestand. Joe, dacht hij bij zichzelf. Maar niet te lang, want het bezigen van hippe uitdrukkingen getuigt van een zwakke geest en dient derhalve enkel in ironische context plaats te vinden.
Lees meer

Assertiviteit

Mijn ogen staren naar het plafond. Er staart een drietal vliegen terug. Ik kan me amper bewegen. Alles schreeuwt dat ik nog niet klaar ben voor de dag. Maar ik moet. Met mijn stomme kop heb ik weer eens ergens ja op gezegd. Waardoor ik uiteindelijk maar een paar uurtjes slaap heb gehad. Ik ben nog niet genoeg terug in vorm om zomaar een korte nacht aan te kunnen. Waarom heb ik dan ook geen nee gezegd… Bepaalde manieren van vragen zijn uiterst effectief. Er is ‘de crisis’. Waar iemand diens probleem aan me voorlegt en inspeelt op mijn sympathie, of op mijn wanhopigheid een bepaalde baan te behouden. In essentie maakt zo iemand dan van diens probleem mijn probleem. Er is ook ‘ de overval’. Wanneer ik echt hard en geconcentreer werk, overval me dan met je vraag en ik zal, verward en ontspoord, waarschijnlijk wel ja antwoorden. En zo zijn er nog meer vraagmanieren waar mensen dankbaar gebruik van maken. Wie de knoppen kent, krijgt veel bij me gedaan.
Lees meer

Badge

“Ik heb nog iets voor je,” zegt de bewaker. Hij tovert uit zijn lade een toegangsbadge met mijn foto erop. En twee papiertjes. Hier en hier tekenen alstublieft. Opgewonden rolt mijn pen over het papier. Mijn eigen badge ! Terwijl ik ermee naar de kleedkamer loop, vraag ik me af hoeveel eigen badges ik eigenlijk gehad heb in mijn leven. Op die dozijnen aan plekken waar ik gewerkt heb. Nergens, in feite. Ja, wel ‘eigen’ badges, maar toch geen met eigen foto. Die ze dus niet terug in een lade kunnen gooien, later met één muisklik aan iemand anders kunnen toewijzen en die persoon twee krabbels voor kunnen laten zetten. Mijn eigen badge. Dat de foto niet mijn beste is – iemand kwam die ‘even snel’ maken middenin de werkzaamheden – zal vast pas later een ergernis worden.
Lees meer

Droefkaas

Sad cheese

Slap en futloos, zo voelde hij zich. De droefkaas zag het allemaal niet meer zitten. Hoe hard hij ook geprobeerd had te bemiddelen, hij vormde hooguit een scheidingslijn tussen de twee boterhammen. En de boterhammen boterden niet met elkaar. Dan kon de broodzak wel heel graag willen dat er sprake was van één brood, maar de sneeën hadden daar heel andere ideeën over. Hoe strak het plastic ook rond de broodplakken samentrok, het minste geringste zorgde dat de boel weer uiteen viel.
Lees meer

Nee, nee

Zo stóm: ik heb de naam genoemd voor ik er erg in heb. De bekende naam. En zet me onmiddellijk schrap. Ik weet wat er nu komt. Het is altijd hetzelfde. “Hoé noem je hem ?” wordt er verbaasd geroepen. En meerdere leden van de groep schieten in discussiemodus. Opgewonden moeten en zullen ze mijn foute uitspraak corrigeren. Ik zit fout, dat staat voor hen natuurlijk boven kijf. Ik ben een cultuurbarbaar en weet weinig, dus kan het niet anders dan dat ik fout zit. Zij hebben het juist. Zij zijn correct. Ze zijn natuurlijk wel allemaal net even ánders correct, wat een tikkeltje verwarrend is.
Lees meer

Cursus

In het buurthuis wordt een cursus georganiseerd: “Eindigheid voor beginners”. De cursisten wordt geleerd om te gaan met hun uiteindelijk nietmeerzijn. Het vuistdikke cursusboek is alvast bijna dodelijk. Maar dat mag de pret niet drukken. De zaal zit vol met oudjes. Er is koffie en er zijn broodjes. Op de broodjes liggen enkel plakken dierenlijk. De cursusleider wil het broodbeleg gaan gebruiken als onderwerp. Dat het dode één een levend ander helpt, zoiets. Maar voor hij zijn naam op het schoolbord kan krijten, wordt de deur van het cursuslokaal ingetrapt.
Lees meer

In de details (sprookje)

Gefrustreerd trilden de vingers van de Duivel boven het toetsenbord. Kom op, verman je. Die éne email moet nog even weg. Dan door naar het volgende punt op de to do lijst. Voetje voor voetje, stap voor stap. Niet denken aan de enorme bulk werk die iedere dag alleen maar leek te groeien en nooit af komt. Concentreer je. Geachte… wacht, geachte wie ook alweer ? Vertwijfeld greep de Duivel naar zijn horens.
Lees meer

De introverte cactus (sprookje)

Voluptueus stond hij daar, de cactus. In de zon. Veel meer doen cactussen ogenschijnlijk doorgaans ook niet. Beetje staan, daar houdt het wel mee op. Soms wat bloeien of groeien. Er zijn heldere aanleidingen dat nog geen cactus het tot geloofwaardige actiefilmster heeft geschopt, wil ik maar zeggen. Enfin, ik zou graag nu beweren dat deze bewuste cactus een uitzondering op die regel was, maar helaas, uiterlijke inactie was ook bij hem van toepassing. Een bewuste cactus was het echter zeer zeker wel. Een ronduit introverte cactus zelfs, durf ik wel te stellen.
Lees meer

Kiwi’s in de ballenbak (sprookje)

Voorzichtig opende de kiwi zijn ogen en keek om hem heen. Felle neonkleuren omringden hem. Even dacht hij dat hij gestorven was, maar de bonte kleurenboel kwam hem weinig sacraal over. Ook de geuren die zijn snavel penetreerden kon hij moeilijk als verheven bestempelen. Maar zomaar iets bestempelen lag ook niet in zijn aard. Voor een kiwi, zelfs voor een kiwi, had hij een danig onderontwikkelde geldingsdrang in de realiteit. Men zou het met een beetje goede wil zelfs faalangst kunnen noemen. Als benoemen ook al niet iets was waar de kiwi liefst ver bij wegbleef. En zo wentelde hij zich nog even in zelfontwijkende faalangst en kleurige plastic ballen. Maar dat kon niet blijven duren natuurlijk. De realiteit zou zich ongetwijfeld weer komen opdringen. Hij kon het beter voorblijven, besloot hij. Halfslachtig. Want besluiten was ook zo zijn ding niet. Hij schudde zijn pluizige vacht behoedzaam en heropende zijn ogen.
Lees meer