Zoëpie
Zoëpie
Dat schenken wij niet
Maar de koek is ook niet op
Schuif een tafel aan en
Surf het bakkesboek
Lees meer
Zoëpie
Dat schenken wij niet
Maar de koek is ook niet op
Schuif een tafel aan en
Surf het bakkesboek
Lees meer
“Ik weet wel wat,” fluisterde de stem. “Kom mee.”
Ik heb helemaal geen zin om mee te komen. Uiterst functioneel zit ik te kniezen. Dat maar een handvol mensen mijn teksten leest. En waar ik het dus allemaal voor doe. Het heeft me alle zin ontnomen – vandaag, maak u niet ongerust – om te schrijven. Buiten schijnt er immers weer. En er zijn beelden op televisie. En naast schrijven staan er ook andere dingen op het programma. Schrijven is sowieso stom. Zit je daar. Tikkerdetik. Pauzemomentje. Staren in de verte. Hoofd terug. Tikkerdetik. Het is stierlijk vervelend om naar te kijken, en stierlijk vervelend om te doen. Dus nu even helemaal geen zin.
Lees meer
Er is een boel stennis in Sint Isidorushoeve. In de hoeve van boer Doeve hebben boeven toegeslagen. Ze stalen zijn computer, zijn collectie antieke schroeven, en zijn wagen. Dergelijks verwacht je eerder in Schagen, maar daar doet men nu blaasproeven en boeven laten zich niet belagen. Vette pech voor boer Doeve, die bedroefde groeven in zijn gelaat toelaat. Waar de boeven nu vertoeven is een raadsel, want de boeven zijn foetsie. De boeven deden poef en waren feitelijk aan het poeven. Ze lichtten vluchtig de hoeven. Met nauwkeurig sporenonderzoek en DNA-proeven poogt de politie de boeven nu achterna te zoeven.
Lees meer
Als ik ‘s ochtends even mijn ziel uitlaat, staat de straat er vol van. Overal. Ze staan maar wat te staan. Mannen in pakken. Sommige mannen dragen maar een half pak – een keurig colbert met hemd en stropdas boven, maar een spijkerbroek onder. Anderen in vol ornaat. Strijkvouw in de pantalon. Sommige hebben krijtstreepjes. Niet van die lijnen die de forensische dienst trekt rond een lijk. Ik bedoel van die witlijntjes in de stof van hun pak. Die de bedoeling zijn. Zeg maar. Het staat duur en statusrijk, naar het schijnt. Van die poehpoehstreepjes. Die een bepaalde mate van autoriteit uit moeten stralen. De drager dezes weet wat hij zegt, want hij heeft witte lijntjes op zijn pak. Allen staan ze stram en officieel.
Lees meer
Op het hele huishouden moet worden bezuinigd. Ook bij jou, poes, zeg ik tegen mijn poes. Dus begin ik een experimentje met goedkopere brokken. Natuurlijk lust ze ze niet. Ze wordt magerder. Twee keer per week krijgt ze een traktatie, en ze wacht liever tot die snack dan dat ze deze meuk eet. Om haar toch niet te doen verhongeren, gooi ik wat van haar lievelingsvoer bij de goedkope brokken en hussel het door elkaar. Maar daar trapt ze mooi niet in. Ze ruikt het direct. En dan schept ze haar bekje vol, dumpt de brokken naast haar bakje, en sorteert de lekkere brokken eruit. De rest laat ze liggen. Zo spreidt zich al snel een flinke hoeveelheid ‘moet ik niet’ brokken uit.
Lees meer
Een beetje tureluurs wordt hij wel van ons, die zon. Dan staan we weer dichtbij, dan draaien we weer verder weg. En constant maar rondjes draaien. Laat staan al die satellieten en wolken die we constant tussen ons en hem in schuiven. Hij is het eigenlijk wel een beetje beu, die afstandelijkheid van dat rotplaneetje. Dus hij is zijn koffer aan het inpakken. Hij zegt toedeloe. Zoek maar een andere idioot om een beetje de zon uit te hangen, zegt hij. Ik heb er genoeg van. Voor niks doe ik dit. Jullie hebben er zelfs een gezegde over. En maar stroom leveren aan die lelijke panelen. En maar toerisme ondersteunen. Nee, ik heb er genoeg van. Ik krijg er niks, echt niks, voor terug.
Lees meer
De pleister om m’n vinger;
ik krijg ‘m niet meer af.
Ik zal ‘m tot m’n laatste dagen,
vrees ik moeten blijven dragen,
van nu tot in ’t graf.
Er ligt nieuw fruit in de schaal. Ik weet niet wat het is. Mijn gebruikelijke fruit was er niet. Daar sta je dan, met je lijstje. En dan grabbel je iets wat op het beste alternatief lijkt. Om dan bij de kassa ineens te zien dat het iets heel anders is. En dat je geen idee hebt wat het is. Maar ik ben dan weer zo’n slappe lul die dat niet durft terug te leggen. Overmoedig denk ik dan bij mezelf, och, eens iets nieuws proberen. Ik ben benieuwd, houd ik mezelf voor. Om mezelf nog extra voor de gek te proberen te houden, neurie ik zacht een liedje. De kassamevrouw kijkt me geïrriteerd aan en ik geef haar een brede glimlach. Terwijl ze het nieuwe fruit over de pieppiep haalt.
Lees meer
De kinderen die op straat spelen, schoppen per ongeluk hun bal mijn website in. Ze bellen aan. Of ze in mijn website hun bal terug mogen pakken. Ja dag, zeg ik. Ik ga jullie niet in mijn website binnenlaten. Wacht hier, zeg ik, dan ga ik zelf wel zoeken. Hoe ziet hij eruit ? Rond, antwoorden ze. Daar vroeg ik ook wel een beetje om, natuurlijk.
Lees meer

Revolutionair. Anders valt mijn concept niet te beschrijven. Alles wat u koestert. In een bubbel.
Fragiel maar beschermend. U weet meteen wat ik bedoel. Hoe het begon, dat is een ander verhaal. Want het begon met bubbeltjesappelsap waarbij iedereen ongedurig kéék. De directeur had een plan. We moesten allemaal samenkomen. Ja, typisch. Terwijl hij zich in een hoogwerker hees. Met zijn iPhone. Wij moesten bijeen. Voor het plastic zeil. De hal naast het bedrijf ging open. Anderhalf jaar gedoe. Maar nu toch de officiële opening. Iedereen verplicht aanwezig. Klik. Klikkerdeklik. Voor het nageslacht. Hal drie. Joepiedepoepie, rakkers. Een kleurloze hal met TL-buizen en industriële rekken. Maar wel een aanwinst. Voor het bedrijf. Natuurlijk wisten we dat het meer werk voor minder mensen betekende. Maar hee, bubbeltjesappelsap. In champagneglazen. Dus iedereen eentje.
Lees meer