Korte proza

Vind ik niet leuk

De Opperpater zit sinds een tijdje op Facebook. Daar heeft hij inmiddels de vindikleuk-functie ontdekt. Eerst klikte hij overal op vindikleuk. Iemand heeft 11 km gerend. Vindikleuk. Een plaatje dat roept dat ‘ze’ van ‘mijn’ pensioen af moeten blijven. Vindikleuk. Weer iemand anders meldt, tranen in de ogen, dat diens vader overleden is. Vindikleuk. Je kunt met recht spreken van de korte maar consistente Vindikleuk-periode in de ontwikkeling van de Opperpater.
Lees meer

En ik schreef

En ik zag weer dingen en schreef weer dingen maar geen woord op papier want niet alles is voor uw ogen. Ik hoorde en rook dingen en deed mijn gebruikelijke best ze te negeren. Ik hou mijn bui liefst stabiel. Er schuilt woede in mijn hart, maar het mag er niet zomaar meer uit.

Af en toe breng ik de woede een glas water of een kop thee. Dan babbelen we wat. De woede zegt dat hij eenzaam is. Ik zeg dat de woede mij eenzaam maakt. We drinken dan samen ons water of onze thee. En ik schreef. Ik schrijf niet, ik schreef. Nooit schrijf ik in het heden. Je zet woorden op papier, maar je schrijft niet meer. Zodra de woorden komen, ben je aan het schreven.
Lees meer

Wereldvrede

Achterin mijn keukenkastje vind ik nog een pakje oploswereldvrede. Ik was totaal vergeten dat ik oploswereldvrede in huis had, dus het verraste me nogal. Voorzichtig schud ik de verpakking. Het klinkt niet heel poederig meer. Ook als ik mijn vinger in het zakje prik, krijg ik het idee dat de wereldvrede er wat zompig aan toe is. Dat wordt geen wereldvrede vandaag, mompel ik wat voor me uit.
Lees meer

Correctie

Aan de terrastafel naast de mijne zit een bevriende schrijver. Ik ken heel veel schrijvers. Die ontmoet je op schrijversdingetjes. Dan doen enkele schrijvers iets met tekst of voordracht en de rest komt om bier te zuipen en er doorheen te praten. Bezoek voldoende schrijversdingetjes en je kent heel veel schrijvers. Vraag, voor de grap, eens aan de schrijvers of ze een boekje hebben of zo. En koop ze dan. Ik geef dit advies zonder enig eigenbelang.

Eigenlijk heb ik vooral schrijverskennissen. Vaak weet ik hun naam eigenlijk niet meer. De schrijverskennissen weten altijd mijn naam nog wel. Ik haat de ongelijkheid die de schrijverskennissen op deze manier in ons kennisschap aanbrengen. Sommige van de schrijverskennissen zijn bevriende schrijvers. Omdat ik geen voorstander van ongelijkheid ben, noem ik alle schrijverskennissen bevriende schrijvers. Aan de terrastafel naast de mijne zit een bevriende schrijver.
Lees meer

Jengelen

Het haalde het bloed onder haar nagels vandaan, maar moeders arm was in feite de laatste plek waar je nog lekker aan kon jengelen. En, bijna vanzelfsprekend, de eerste. De eerste arm waar het in je opkwam om je hele gewicht te verslappen, het irritantste, langgerektste geluid te maken dat je kon produceren, de volledige Weltschmerz je strot uit persen en al je opgekropte problemen iemand anders probleem te maken. Alfa en Omega, die arm: het was de arm die je deze wereld in sleurde, dus die arm zou het wéten ook.
Lees meer

Inbox (3)

Na veel gesmeek neemt ze me terug. Mijn vriendin. Niet de literatuur. De literatuur is een absolute cock tease. Wel de volle aandacht willen, maar iets opleveren, ho maar. Mijn vriendin heeft een voorwaarde: ik moet niet meer zoveel zweten.

Ik zweet erg veel. Ik zweet ‘s ochtends bij de koffie. Bij elke koffie meer. Ik zweet voor ik op de fiets stap en na ik er vanaf stap. Ik zweet in de trein. Ik zweet lopend naar mijn werk. De hele werkdag zweet ik, de terugweg zweet ik en in bed zweet ik. Daar hoef ik niks voor te doen. Voor wie dat dacht bij mijn eerdere opmerking.
Lees meer

Heeft u onze kat gezien ?

In deze straat worden alle katten vermist. De bomen en lantaarns hangen vol met poezensnoeten. Geen enkele kat wil hier blijkbaar blijven. Zwetend strompel ik langs de telefoonnummers en grote hoofdletters. De baasjes zijn ten einde raad.
Ik vraag me af of ik hier zou blijven als ik een kat was. Het is een straat zonder voortuin, en je hebt enkel uitzicht op het rolluik van de overburen. De bomen bladderen zich kaal. Platanen, uiteraard. Iemand heeft ooit bedacht dat platanen goede stadsbomen zijn.
Lees meer