Na een stilte die wel twintig dagen leek te duren, keek hij toch in zijn ooghoek. Hoge hakken, donkere panty’s, strenge bril. En vier lonkende lokken, als wenkende tentakels. Groene, vurige ogen en lange, gelakte nagels. Een grijns. Karel voelde zich direct achtervolgd en plukte voort aan zijn tabak. Maar dat was geen blijvende oplossing. De tabak kruimelde op de tegels en waaide weg; ooit was de buidel leeg. Lees meer
Vijf minuten vertraging. Ik zie de zakkenroller alweer naar mijn rugzak kijken. Tenzij hij van lezen houdt, zit er niets van waarde in. Toch alvast bijna niets dat onvervangbaar is. Ik kijk dus maar weer weg.
Ze moest er zelfs om huilen. Zo erg snapte ze het niet. Waarom ik niet zuiniger op mijn spullen was. Letterlijk: tranen, zo verschrikkelijk vond ze het. Begreep er volledig niets van, dat ik mijn laptop zo verslonsde, dat ik mijn jas zo mishandelde. Lees meer
Vanavond drinkt de Opperpater exact zes halve liters. Daarnaast hebben we tijd voor exact één film. En hij wil straks ook de herhaling van Eastenders nog even kijken. De Opperpater is bij mij thuis te gast maar stelt de regels. Het geeft niet, want de Opperpater is een fijn mens. Als u de Opperpater nog niet kent, bent u hier nieuw. Dus even een korte introductie.
Als je vraagt hoe het met de Opperpater gaat, is het altijd stabiel en soepel, knikker. De meeste mensen zijn knikkers, een zeldzaam gekoesterde inner circle bestaat uit Paters. De Opperpater discrimineert daarin zelden: slechts af en toe zijn aanwezige vrouwen knikkerinnen. Als iemand zegt dat het bier lekker is of de film een goeie, dan zegt de Opperpater: ‘Dank je,’ en rookt van zijn sigaret. Alle complimenten zijn immers voor de Opperpater, of hij er debet aan had of niet. Lees meer
Als ik een kater heb, ga ik ervaringen zeven. Mij amuseert dat wel, maar de lijn is ver te zoeken. Ik proef de wijn nog. De extreem galante gastheer bood mij een uitmuntende wijn aan, die zelfs lekker rook, wat wijn zelden doet. Ik wou per se de vieze. Dat ik een kater zou hebben de volgende dag, stond immers al vast, en daar wil ik geen goede wijn aan verspillen. Dan liever met een vieze nasmaak de afgrond in.
Daar loop je dan, vent. Iets rustiger dan de rest, en beduidend onbekommerder. Onbekommerder ? Ik laat het schieten. Je staat op een roltrap en drie kindjes voor je gillen enthousiast want de roltrap is spannend. Achter mij staat hun moeder en ze zegt: “Tschüß !” Vertwijfeld herhalen de kindjes: “Tschüß”. Het gespeelde vaarwel ontoert me stilletjes. Lees meer
Stilletjes vraag ik me af hoe het is om op iemand acht te slaan. Geen acht, dat kennen we nu wel. Het antwoord dient zich aan als de vrouw naast mij hard gaat lachen en roepen door de speech van iemand heen. Iedereen slaat plots acht. Gefascineerd kijk ik toe. Dus zo ziet dat eruit. Lees meer
Dat het geen verhaal was, dat zag ik meteen, ondanks het vroege tijdstip. Op mijn zetel, in het vroege zonlicht, zat triomfantelijk een besluit mij aan te kijken. Ik vond het te vroeg voor besluiten en besloot eerst een koffie te maken. “Aha,” betrapte het besluit mij onmiddellijk. Shit, dacht ik. Daar heeft hij me. Grijnzend klopte hij op de zetelplek naast hem. Timide ging ik dan maar zitten. Hij staarde weer naar het zonlicht. Ik staarde mee. Lees meer
De andere schoolkinderen en ik spelen websiteje. Als dollemannen rennen we over het speelplein en proberen elkaar te scoopen. “Ik pak jouw lezers af,” roept er eentje jubelend. “Kan niet,” roept een ander, “want ik heb lekker een betaalmodel !” Met gestrekte vingers wijzen we naar elkaar en roepen: “Like ! Like ! Share ! Like !” Lees meer
Zo’n dag dat het buiten niet wil en binnen ook niet echt. Dat er inktzwarte smurrie in je zakdoek belandt als je snuit. Of wellicht wat voor rood moet doorgaan. Dat je vermoedt dat er een wel zeer grondige reinigingsbeurt door je heen gehaald zou moeten worden voor je terug puur bent. Zo je dat al ooit was. Lees meer
Ik weet het. Bij het fluiten al. Je bent geen duif of kraai, geen lijster en geen mus. Je bent een fucking kutmerel. Beetje lawaai lopen maken met je stereotype fluitgeluid.
Ik moet eigenlijk nog gaan slapen en je fwietfwiet erop los alsof het een lust is. Ik weet wie je bent, kutmerel. Je loopt stoer te doen met ha ha de dag start. Maar alles is nog donker. Zelfs de kiekens zijn niet wakker. Jij, daarentegen, loopt te roepen dat de dag gestart is. Dat is hij niet, he maat, enkel omdat jij dat zegt. Lees meer