Correctie

Verhaal door René van DensenAan de terrastafel naast de mijne zit een bevriende schrijver. Ik ken heel veel schrijvers. Die ontmoet je op schrijversdingetjes. Dan doen enkele schrijvers iets met tekst of voordracht en de rest komt om bier te zuipen en er doorheen te praten. Bezoek voldoende schrijversdingetjes en je kent heel veel schrijvers. Vraag, voor de grap, eens aan de schrijvers of ze een boekje hebben of zo. En koop ze dan. Ik geef dit advies zonder enig eigenbelang.

Eigenlijk heb ik vooral schrijverskennissen. Vaak weet ik hun naam eigenlijk niet meer. De schrijverskennissen weten altijd mijn naam nog wel. Ik haat de ongelijkheid die de schrijverskennissen op deze manier in ons kennisschap aanbrengen. Sommige van de schrijverskennissen zijn bevriende schrijvers. Omdat ik geen voorstander van ongelijkheid ben, noem ik alle schrijverskennissen bevriende schrijvers. Aan de terrastafel naast de mijne zit een bevriende schrijver.

De schrijver buigt naar me toe en vraagt of ik nog nieuwe boekjes heb uitgebracht. Ik zeg dat ik geen nieuwe boekjes bij me heb, maar wel een moppenboek van de Opperpater. Er is ooit een moppenboek van de Opperpater uitgebracht via mijn eigen amateuruitgeverij en ik heb de restpartij opgekocht om voor biergeld te verpatsen. De boekjes verkopen echter nooit, dus ik had het geld beter zelf als biergeld kunnen uitgeven.

De bevriende schrijver bladert door het moppenboek met een vies gezicht. Er staan geen moppen in het moppenboekje. Alleen reusachtige QR-codes. Met een dure telefoon kun je de QR-codes scannen en dan verschijnt op de dure telefoon een filmpje van de Opperpater die je de mop vertelt. De aanblik van de QR-codes staat niet iedereen aan. Er staan 93 moppenQR-codes in het boekje.

De bevriende schrijver scheurt een pagina uit het boekje. Dan nog één, en nog één. Hij verfrommelt de pagina’s tot proppen en smijt ze op het terras. Ik vraag wat hij doet. Hij schrikt van mijn vraag en krijgt blijkbaar het vermoeden dat zijn gedrag niet geheel gewenst is. Hij zegt dat hij het moppenboekje aan het corrigeren is.

Ik zeg dat het moppenboekje geen correctie behoeft. Ik zeg dat ik het boekje nu niet kan verkopen. Op slinkse wijze probeer ik een schuldgevoel bij de bevriende schrijver op te wekken zodat hij het resterende boekje koopt. Dan heb ik biergeld en kan hij scheuren wat hij wil. Er zit geen geld meer in mijn portemonnee maar nog wel dorst in mijn keel.

De bevriende schrijver pakt een pen uit zijn binnenzak. Het is zo te zien een dure pen. Hij krast op de kaft het cijfer 93 door en maakt er 87 van. Dan geeft hij me het boek terug. De bevriende schrijver zegt dat het boekje zo nog prima te verkopen is. Moppen genoeg nog. En sterker, nu is het boekje meer waard. Om het handwerk. De bevriende schrijver knipt in zijn vingers naar de terrasbediende en bestelt een erg duur speciaalbiertje voor zichzelf.

Er zwemt een fruitvliegje in het restant van het laatste biertje dat ik kan betalen. Het glas is te hoog om het vliegje te redden. Als ik het vliegje opdrink, ben ik eigenlijk geen vegetariër meer. Ik steek het boekje terug in mijn jaszak. Wanneer ik opkijk, zie ik dat de bevriende schrijver net bezig is om mijn bierglas leeg te corrigeren.

Share Button

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *