Het is zo’n lieve jongen als hij slaapt

Scheef

De dag start scheef. Ik haat het wanneer dat gebeurt. Dan sta ik bijvoorbeeld vroeg op, maar bij het douchen moet er iets gerepareerd worden en dat lukt natuurlijk niet en gefrustreerd blijf ik ermee doorgaan en voor ik het weet loop ik achter op schema. Slaapdronken én voor niks. Dan is heel de dag eigenlijk al kapot.

Een verstandig man kruipt dan terug in bed en ziet morgen wel weer. Ik ben geen verstandig man. Of liever, dat hebben de mensen liever niet van me. Mensen houden niet van verstandige mannen. Mensen willen mannen die zich grijs en vermoeid in treinen hijsen en over trottoirs voortslepen naar een geestdodende baan van negen tot zes. Die bammetjes eten in de lunch en vergeten zijn te vragen waar hun leven heen is verdwenen.

Als compromis pak ik mijn dekbed mee onder mijn arm de trein in. Ik zoek een vierplekkenbank uit en strek mijn benen. Dan wapper ik de deken uit over de vier zetels. Mijn jas is een prima hoofdkussen. Ik slaap. De hele coupé kijkt ongetwijfeld toe. Maar mijn dag is toch al scheef.

Jengelen

Het haalde het bloed onder haar nagels vandaan, maar moeders arm was in feite de laatste plek waar je nog lekker aan kon jengelen. En, bijna vanzelfsprekend, de eerste. De eerste arm waar het in je opkwam om je hele gewicht te verslappen, het irritantste, langgerektste geluid te maken dat je kon produceren, de volledige Weltschmerz je strot uit persen en al je opgekropte problemen iemand anders probleem te maken. Alfa en Omega, die arm: het was de arm die je deze wereld in sleurde, dus die arm zou het wéten ook.
Lees meer

Vijf

Vijf minuten vertraging. Ik zie de zakkenroller alweer naar mijn rugzak kijken. Tenzij hij van lezen houdt, zit er niets van waarde in. Toch alvast bijna niets dat onvervangbaar is. Ik kijk dus maar weer weg.

Ze moest er zelfs om huilen. Zo erg snapte ze het niet. Waarom ik niet zuiniger op mijn spullen was. Letterlijk: tranen, zo verschrikkelijk vond ze het. Begreep er volledig niets van, dat ik mijn laptop zo verslonsde, dat ik mijn jas zo mishandelde.
Lees meer

Welcome in the House Of Filth

Ze heeft nog het lef om het te zeggen: Welcome in the house of filth. Ik kijk rond en zie één plukje haren ronddwarrelen. Alles is verder spotschoon. Of toch minstens vergeleken met mijn eigen woning, die schoon is vergeleken met mijn vorige woning, die schoon is vergeleken met de vorige zolder waar ik verbleef, die schoon was vergeleken met het vierkoppig mannen- en driekoppig kattenhuishouden waar ik woonde.
Lees meer

Ja, jij wel.

De woorden klinken bijna als een verwijt. Het onderwerp is dronken worden en controle verliezen. “Ja, jij wel,” had hij geantwoord na zijn biecht dat hij het niet kan. Dat hij het te eng vindt. Meteen probeer ik terug te denken of ik hem wel eens dronken heb gezien. Fors aangeschoten, dat wel. Maar echt laveloos, dat niet.

Alvast zeker niet het punt dat mensen tegen je praten alsof je een kind bent, en je kalm ergens heen begeleiden waar je niet heen wil. Naar buiten. Of naar huis. Of het punt dat je verbaasd ziet dat tafeltjes tegen je opbotsen en dan achterover vallen. Of omhoog, dat doen ze ook nog wel eens. Meestal nemen ze dan wat grond mee. De wereld wordt heel gek met een borrel op.
Lees meer

Nog tien jaar aan vast

Even twijfelde ik of ik het wel moest doen, maar je doet het uiteindelijk toch wel. Dus dat werd vroeg opstaan en door de kou naar het stadhuis. Want ik moest mijn identiteit verlengen. Blauwbekkend liep ik het overheidsgebouw binnen, waar de verwarming lustig erop los brandde. Een prikkerdeprik later had ik een briefje met een lettertje en een nummertje en moest ik wachten.
Lees meer

Hithaat

Zodra ik er weer een hoor, begint het opnieuw. Misschien ligt het aan mij, en worden alle andere mensen er wel blij van, maar nieuwe plaatjes leveren meestal hithaat bij mij op. Koude, kwade hithaat. Daar gaan ze weer hoor, denk ik dan. Drie, vier keer op een dag dezelfde plaat, lekker bezig jongens.

Het zijn ook meestal de minst bijzondere riedeltjes. Niks wat ik nooit eerder heb gehoord. En dat moet dan echt grijsgedraaid worden. Alsof er wat in te halen is. “Satisfaction van de Stones hebben we veel vaker gedraaid over de decennia heen dan dit plaatje, kom, we gaan ze inhalen.” Alsof deze plaat, puur door het vele draaien, een klassieker móet worden.
Lees meer