Ik heb dingen in mijn grot. Allemaal verschillende dingen. Kleine dingen en minder kleine dingen. Zelf erheen gesleept en zorgvuldig ergens neergezet om te bewaren. Of om naar te kijken. Als ik even ergens naar wil kijken zonder te denken aan de dingen in mijn hoofd.
De hele grot staat en hangt vol met dingen. Overal dingen. Daar staan dingen, maar daar ook, omdat ze daar niet meer bij konden. Daar, daar, daar staan dingen. En daar heb ik allemaal dingen gehangen want die dingen zijn gemaakt om op te hangen.
Wil jij niet eens naar de dingen in mijn grot komen kijken ? Ik vind het zo zonde van al die leuke dingen die maar een beetje in mijn grot staan te staan en te liggen, en waar alleen ik dan plezier van heb. Het is veel leuker als iemand anders die dingen ook leuk vindt. Dan kunnen we de dingen samen leuk vinden. Is dat ding in mijn grot ineens dubbel zo leuk. Kunnen we samen naar de dingen kijken in mijn grot.
Maar na een tijdje wil ik wel weer dat je weggaat. Naar je eigen grot met je eigen dingen. Ja, ik kom ook naar jouw dingen kijken binnenkort. Ik ben wel benieuwd naar jouw dingen. Maar nu wil ik weer even alleen zijn in mijn grot. Met mijn dingen.

