Korte proza

Nieuwe vriendjes

Omdat het veel goedkoper reist en omdat ik geen ochtendmens ben, reis ik inmiddels met de Latere Trein. Mijn Treinvriendjes van gisteren zijn nu de Halfuureerdermensen geworden. Of, zoals iemand fijntjes opmerkte: ik reis nu met de Directeurstrein.

Er is weinig van te merken. Ook op dit tijdstip kijken de perronbevolkers niet blij. Met als verschil dat er studentjongeren bij zijn. Die waren er op de eerdere tijdstippen niet. Of misschien waren ze er wel, maar niet vocaal. Deze kwetteren er lustig op los. Ik luister een beetje mee, of ik tegen beter weten in iets interessants hoor.
Lees meer

Lange nagels

Misschien wou ze er slechts langs of gewoon even bestellen, maar toch. Karel had ineens lange nagels op zijn schouder en hij vond het maar niks. Lange nagels, daar komt ellende van. Nurksig schudde hij de hand van zijn schoudergewricht.

Een set gestifte dameslippen fluisterde in zijn oor: “En zo sta je ineens oog in oog met je eigen persoonlijke plottwist.” Daar gingen Karel’s nekharen helemaal van overeind staan. De nagels, dat was al te veel, volledig ongewenst, laat staan een stel gestifte lippen, een vrouwenstem, of wat ze net zei. Karel zat helemaal niet te wachten op een plottwist. Strak keek hij voor zich uit.
Lees meer

Pigeon

And so the other pigeons told me to go somewhere, and I went there, and there was nothing. Loads and loads of nothing in all directions, as far as my eye could spy. I wondered what I was supposed to be doing there. I guess I should know, because the other pigeons go here, and they figure it out. But all I saw was nothing. Until I looked up.

There it was. Majestic, blindingly white, otherworldly smooth, and cutting through the sky like a hawk’s claw. So I flapped up and joined it, best I could. Seemed like a better place to be than some nowhere full of nothing.
Lees meer

Wachtwolk

Wás het maar een file, bij de winkel. Dan kon ik er langs, of doorheen glippen, of omheen. Maar dit is een ware wachtwolk. Het is niet vreemd: in de straat waar een bedrijf mij betaalt om mijn werk te doen, is enkele weken terug een carnavalswinkel neergestreken. In deze provincie kan dat gewoon, zo’n winkel voor enkele weken en dan weer weg. Zeker als het een carnavalswinkel is.
Lees meer

Kaarten

Ze lacht, wanneer ze de tekst leest die ik op de kaart geschreven heb. Om die lach deed ik het. Toch alvast één lach gewonnen deze avond. Het duister valt razend voorbij het treinraam, dat haar lach weerspiegelt. Stiekem tel ik daarom de lach voor twee. In speelkaarten wordt immers ook alles gespiegeld.

Ik zeg dat speelkaarten allerlei betekenissen hebben. Voor een van mijn romans – ik begin altijd aan romans en maak ze nooit af – raapte ik speelkaarten op van de stoep wanneer ze mijn pad kruisten. Dan zocht ik de bijbehorende spirituele betekenis op en verwerkte ik zowel de kaart als de betekenis in het plot van mijn verhaal. Ik ben blijkbaar in vorm: ze vindt het interessant. Voor haar neus ligt de ruiten vier, dus nu is het zaak uit te leggen wat die kaart betekent. Het is een heel materiële kaart, die gaat over geld, zaken en status. Over kantooromgeving, een kluis, of gegeven juwelen in een mooie doos.
Lees meer

Niet meer

Eraan denken, dat deed Karel niet meer. Hij wist zelfs niet meer waaraan hij niet dacht. Zoveel maakte hij zichzelf toch elke dag wijs. Dat het hem niks meer deed, wat er gebeurd was. Welnee. Ver achter hem.

Nee, hij dacht er zeker niet meer aan. Sowieso al niet meer elke dag. De dagen waren sindsdien allemaal bijzonder geweest. En daarom was er geen enkele dag bijzonder. De dagen waren bijmet. Bijzonder bijmet. Een kluwen bijmettige dagen. Monter stapte hij op kasseien en dacht vooral heel erg niet aan toen. Hij was er elke dag beter in geworden.
Lees meer

Hithaat

Zodra ik er weer een hoor, begint het opnieuw. Misschien ligt het aan mij, en worden alle andere mensen er wel blij van, maar nieuwe plaatjes leveren meestal hithaat bij mij op. Koude, kwade hithaat. Daar gaan ze weer hoor, denk ik dan. Drie, vier keer op een dag dezelfde plaat, lekker bezig jongens.

Het zijn ook meestal de minst bijzondere riedeltjes. Niks wat ik nooit eerder heb gehoord. En dat moet dan echt grijsgedraaid worden. Alsof er wat in te halen is. “Satisfaction van de Stones hebben we veel vaker gedraaid over de decennia heen dan dit plaatje, kom, we gaan ze inhalen.” Alsof deze plaat, puur door het vele draaien, een klassieker móet worden.
Lees meer

Krijgen

Je kunt natuurlijk vangen, dat is eenvoudig – je hebt er hard voor gewerkt en de vangst is van jou. Maar niet iedereen kan de hele tijd maar vangen. Dus moet je af en toe ook ontvangen, besloot Karel. En ontvangen, daar moet je niet lichtzinnig over zijn. Krijgen, dat is oorlog.

Karel is een ervaren Krijger. Hij bleek niet geschikt voor het jachtige jagen, dus dan blijven er weinig alternatieven over. Dit overpeinst hij wanneer hij zijn biertje van de barman krijgt. Je moest wel klasse en karigheid vertonen, meende Karel. Hij was geen gretige graaier. Krijgen is de kunst van de karigheid.
Lees meer

Brengen

Ik staar naar de klok. Die werkt niet. Oud ding, nieuwe batterij, maar toch mooi niets. Geeft niet, ik weet hoe laat het is. Het duurt nu al meer dan een uur. Ik kan dat verdomme sneller, denk ik stilletjes. Een uur – belachelijk.

Sinds mijn oude adres ermee ophield, met brengen, ben ik op dit adres aangewezen. Ik zou natuurlijk naar mijn oude adres kunnen fietsen. Dan zit je daar, in die wachtkamer. Nummertje in je vingers, half verfrommeld. Leesmappen op tafel. Een zekere ironie, dat wel. Natuurlijk zou ik het ook zelf kunnen doen. Het is tenslotte mijn vak. Maar het is net als koken, soms heb je er gewoon geen zin in. En dan bel je gewoon even.
Lees meer