Ik staar naar de klok. Die werkt niet. Oud ding, nieuwe batterij, maar toch mooi niets. Geeft niet, ik weet hoe laat het is. Het duurt nu al meer dan een uur. Ik kan dat verdomme sneller, denk ik stilletjes. Een uur – belachelijk.
Sinds mijn oude adres ermee ophield, met brengen, ben ik op dit adres aangewezen. Ik zou natuurlijk naar mijn oude adres kunnen fietsen. Dan zit je daar, in die wachtkamer. Nummertje in je vingers, half verfrommeld. Leesmappen op tafel. Een zekere ironie, dat wel. Natuurlijk zou ik het ook zelf kunnen doen. Het is tenslotte mijn vak. Maar het is net als koken, soms heb je er gewoon geen zin in. En dan bel je gewoon even.
Alles wordt tegenwoordig thuisbezorgd. Dat was vroeger wel anders. Ik heb veel wachtkamers gezien in mijn leven, maar de laatste jaren niet zoveel meer. Met hun aquariums en decoratieve kitsch. Mis ik niks aan. Toch, dit nieuwe adres doet er echt erg lang over. Nu al een uur en een kwartier – belachelijk ! Ik ijsbeer wat door mijn woonkamer. Plots rinkelt dan toch de bel. Ik zie buiten mijn raam een knipperend remlicht. Dat zullen ze zijn.
Ongeïnteresseerd kijkende jonge kerel met een helm op en een fluovestje aan voor mijn deur. Fantasieloze witte plastic tas. Ik neem hem aan. Hij knikt goeiendag. Ik heb al betaald via internet, dus dit was de hele transactie. Hij stapt terug in zijn autootje en vroemt er vandoor. Ik sluit de deur en zet de tas op mijn tafel. Even een koffie erbij maken.
Dan eens kijken wat het zoal allemaal is. De plastic zak zit onhandig dichtgeknoopt, zoals altijd, dus ik scheur ‘m open. Dan haal ik de vellen papier eruit. Ik scan over de tekst. Het is geen goed verhaal. Iets over een bezorgservice die verhalen bij schrijvers thuisbrengt. Fantasieloos. Het moet maar. Vandaag heb ik echt zelf geen zin om iets in elkaar te prutsen.
Ik pak mes en vork en zet ze in het verhaal. Natuurlijk is het beter als je het zelf schrijft. En je kunt ook altijd nog verhaal halen. Maar voor de echt luie schrijver is dit toch een uitkomst. De vooruitgang, denk ik stilletjes, de vooruitgang. Altijd maar die vooruitgang.

