Ver na ons einde
Zie ik het pas in
Jij zit vol eindes
Maar kent geen begin
Stort je halverwege
Ergens in of uit
Weer door naar andere wegen
De paden fluitend uit
Je hebt een halve notie
Van wie of wat je bent
Maar maakt je uit de voeten
Voor je de ander kent
Dus ga jouw eigen weg maar
Volg jouw eigen spoor
Ik hoop dat je jezelf vindt,
Lieve trein, rijd maar weer door
Dit gedicht verscheen in
“Onderop De Stapel Rechts”
De vierde dichtbundel van René van Densen verkent als thema verhuizen, transitie van één situatie naar een andere. Waarbij je altijd dingen kwijtraakt, maar er ook iets nieuws ontstaat, gesymboliseerd door kleine poëziedoosjes die je kunt uitknippen en die een nieuw gedicht vormen, maar waarbij je dan wel zes andere gedichten moet laten verdwijnen. Verdeeld in metaforische ruimtes in een nieuw huis verkent Van Densen wat je wel of niet mee moet nemen.
“Er lopen tig dichters rond in Nederland en Vlaanderen die al blij zouden zijn met de kruimels die van van Densens tafel vallen.” – Anton Voloshin

