Collacha’s

Verhaal door René van DensenOok bij dit bedrijf zijn ze er. De collacha’s. Die medewerkers die iedereen in gezelligheid bijeen brengen. Waar je al je professionele taken voor moet laten vallen omdat we nú even gezellig gaan doen. Van die typische bijeenkomsten waar iedereen een beetje bedremmeld bij staat omdat je nu eenmaal geen sfeer op afroep kunt scheppen.
Ze komen steeds met gezellige initiatieven, de collacha’s. Dan weer een borrel waar iedereen een bepaalde kleur trui aan moet hebben. Dan weer hapjes in allerlei kleuren van de regenboog. Iedereen moet mee doen want het zijn belangrijke ideeën die de collacha’s bedenken. Als nieuwe medewerker weet ik steeds te laat van de initiatieven. Dat vind ik niet enorm erg. Ik ben niet zo van het meedoen. De collacha’s verzekeren me dat er nog veel leuke dingen gaan komen waar ik aan mee kan doen.
De collacha’s stellen een kerstpop op een bureau. Elke twee minuten schelt er vanuit de pop een rock ’n roll fragment door een krakerige chip. De pop schijnt traditie te zijn. Elk jaar komt de pop boven. Een groot feest. De dode ogen van de pop staren mij wijdopen aan. Stilletjes bedenk ik me dat ik als werkzoekende geen collacha’s had. De pop zingt You know you make me wanna shout.
Verschillende collega’s zijn naar het grote eindejaarsevenement dat al in volle gang is. Wij nieuwelingen waren nog druk en schuchter achter onze bureaus aan het werk. Schijnbaar wordt van nieuwe medewerkers iets speciaals verwacht, wordt ons verteld in een spoedoverleg waar we weer al onze professionele taken voor lieten vallen. De collacha’s kirren en zeggen dat ze het nu al enig gaan vinden wat we gaan doen. Ze zijn benieuwd. Ik antwoord dat ik niet goed weet wat de bedoeling is. De collacha’s pogen me gerust te stellen dat het vanzelf helder wordt. Samen met de andere nieuwe medewerkers word ik een gang in geleid. Het begin van de gang is nog goed verlicht, tegen het eind tasten we volledig in het duister. We botsen tegen elkaar en klauwen per ongeluk in truien en haren. Dan vindt één van ons een deurklink en opent zich een uitgang. Schuchter lopen we een grote ruimte binnen. Even knipperen we met de ogen. Overal bewegende vormen, langzaam scherpen ze. Het zijn de verschillende collega’s uit het bedrijf. De collacha’s joelen het hardst.
Ik ben het snelst van begrip. Haastig gris ik een wapen van de muur en ren op mijn lotgenoten af. Ik heb deze job nodig. Het gejuich is oorverdovend. Bloed spat op mijn bril. Ik grijns van oor tot oor.

Share Button

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *