Mijn neus doet
een wijsje
naar de buitenwereld
en gedwee
open ik
de deur.
Buiten is alles
een beetje meer dood
dan gisteren
Regen wast,
maar spoelt de
resten van zomergenot
niet weg
En dan nog
alles, echt alles
dat ruit.
Als nu eens
uit de veren
nieuwe vogels
zouden groeien ?
In mijn gedachten
vreet het afval
al het leven kaal
En voor ik het weet
fluit ik
een wijsje
Dit gedicht verscheen in
“Onderop De Stapel Rechts”
De vierde dichtbundel van René van Densen verkent als thema verhuizen, transitie van één situatie naar een andere. Waarbij je altijd dingen kwijtraakt, maar er ook iets nieuws ontstaat, gesymboliseerd door kleine poëziedoosjes die je kunt uitknippen en die een nieuw gedicht vormen, maar waarbij je dan wel zes andere gedichten moet laten verdwijnen. Verdeeld in metaforische ruimtes in een nieuw huis verkent Van Densen wat je wel of niet mee moet nemen.
“Er lopen tig dichters rond in Nederland en Vlaanderen die al blij zouden zijn met de kruimels die van van Densens tafel vallen.” – Anton Voloshin

