Dwarrelen

Verhaal door René van DensenDe dagen dwarrelen mijn leven binnen. Er is geen stoppen aan. Genadeloos. Meedogenloos. Achteloos. Krioelend en warrelig dalen ze als een deken van tijd op mijn bestaan neer. De tijd begraaft mijn wezen en het enige dat ik in huis heb om me ertegen te wapenen is een muts en een sjaal. Allebei draag ik nooit, dus ga ik weerloos de dagen in.

Als een onschuldige onwezigheid dwarrelt elke dag met een ogenschijnlijk vrolijk kolkje omlaag. Dansend rondom de andere dagen, maar elk van hen kent zijn plek. Er dwarrelen mooie dagen, kwaaie dagen, vergetelijke dagen en onvermijdelike dagen tussen. Het is voor elk wat wils, alleen moet je ze dan wel willen.

Ik zie mensen vloekend de dagen van hun erf vegen. In dikke bergen liggen de dagen opeengepakt voor hun huis, naast hun auto. Het licht uit hun keukens en woonkamers schijnt iel op de vies bijeengeplakte dagen. Er zit een boel viezigheid tussen deze dagen.

Niet in mijn tuin. Daar zie je in de dagen maar twee sets voetstappen. Één paar lomp grote zolen, en ernaast wat weifelende poezenpootjes. Mijn kat houdt niet zo van de dagen. Zij blijft er liever van verschuilen. Toch staan we altijd samen op. Ik stop even en leg mijn hoofd in mijn nek. Met open mond probeer ik een dag te vangen. Hebbes. Ik verklap niet hoe hij smaakt. Daar komt u zelf nog wel achter.

Share Button

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *