Noten

Verhaal door René van DensenIk heb een stukje gevonden waar het nog niet gesmolten is, dat witte dekentje. De zon kaatst verblindend op het wit en het maagdelijke kristal kraakt onder mijn laarzen. Niks geen geknisper, dit is echte kraaksneeuw. Geen mens in willekeurig welke windrichting te ontdekken. Geen schreeuwerige reclameblokken of hyperactieve presentatoren. Hooguit een koel briesje dat de nekharen streelt.

Maar dan plots: pling. Bij gebrek aan een beter woord. Pling. De best passende onomapotee. Verbaasd in de rondte kijken. Niks. Enkel wit. Stapje terug. Pling. Verbaasde blik naar de grond. Laars middenin vorige voetafdruk.

Nog een stapje vooruit. Stilte. Stap achteruit. Pling. Ongelovig kijk ik naar de sneeuw. Verbaasd een paar stappen opzij. Ploenk, klinkt het plots. Ik spring van schrik terug – pling.

Even sta ik stil in de sneeuw. Dan spring ik nog eens op en neer. Ploeng, pling. Ik giechel. Nog eens. Pling, ploeng, pling. Even glijd ik uit, stap haastig ergens anders. Pleng. Het wemelt van de muziek hier in de grond, constateer ik verbaasd.

Zo spring ik even de noten bijeen. Blij als een klein kind. Pling, ploeng, pling-pling, pléng, plang, ploeng ploeng ploeng pleng. Briljant. En te bedenken dat ik al blij was met die onontdekte laag sneeuw. Maar dan ook nog dit erbij. Hijgend ga ik even op een boomstronk zitten. Staar naar de muziekplek. Wat een bijzondere plek.

Dan hoor ik zacht en vlug gekraak. Nee, dit is wel meer knisperen. Ik zie een eekhoorntje hoppen door de sneeuw. Hij kijkt haastig in het rond, ziet mij, staat stokstijf stil. Ik beweeg ook niet. Durf zelfs niet te ademen. Even twijfelt hij. Dan hopt hij door naar de muziekplek.

Nu zie ik het pas. Hij heeft een noot in zijn mond. Een G, als ik me niet vergis. Hij begraaft de noot haastig, zijn kraaloogjes scherp op mij gericht. Dan dekt hij de boel af, werpt nog één blik op mij, en hopt er dan razendsnel vandoor. Ik staar wederom naar de plek.

Dus daar ligt alles begraven. Alles waar muziek in zit. Op een plek waar niemand het terug zal vinden. Onder een dikke laag maagdelijke sneeuw. Ik graaf in mijn jaszak naar een sigaret.

Share Button

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *