Bijtwee

Zij klieft mij
de tijd door
en snijdt me
vingers in

Ik zie jou wel
staan, buiten
met je messen
gesleept

De maan in je
rug, schaduw
vooruit. Je kwetst
je onwaanbaar

Zij scherpt toch
veel verder dan
jouw blik geworpen
en geveld

Dus tol maar,
die slijp, en laat
je zinnen wanen

Waar wij blijven,
bleef ongewis
gekloofd
bijtwee geveegd.

Share Button

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.