Plas

vijverfeest


Slecht nieuws van de Opperpater. Hij mag op de dinsdagavond geen Club P. meer organiseren, want de benedenbuurvrouw heeft officieel geklaagd. Dus vraagt hij of het oke is als we ‘Club Blini’ doen. Blini is de naam van mijn poes, zij is de baas in mijn huis. Ik vraag de poes of zij het goed vindt, en ze zwijgt. Zwijgen is toestemmen.

Mijn gasten komen altijd via de achterpoort. Wanneer de Opperpater ’s avonds arriveert, weet ik even niet wat ik hoor. Ja, eerst een fiets die op slot gezet wordt. Maar dan een geklater. Ik sta niet op van de bank. Ik lig prima. Als de Opperpater binnenloopt, vraag ik hem of hij in mijn tuin gepist heeft. Ja, zegt de Opperpater. Geen verdere uitleg. Later die avond zegt hij dat hij in de vijver gepist heeft. Wanneer ik zeg dat ik dat erg vind, omdat daar vissen in wonen, zegt hij dat hij niet in de vijver heeft gepist. ‘Aan het voorportaal, knikker,’ zegt hij, ‘in het riet’. Er staan drie grote grassprieten naast mijn vijver. Ik weet dus zeker dat hij toch in de vijver heeft gepist. Ik vraag hem vriendelijk maar mild streng of hij dat toch maar niet meer wil doen. Dat is goed, knikker.

Wanneer hij weer vertrekt heeft hij een grote hoeveelheid halve liters op. Ietwat wankel staat hij naast zijn fiets. Hij loopt langs de vijver. En jawel. Plons. De halve tuin staat onder water. Geen buitenlamp. Ik kan in het donker niet zien of er vissen liggen te spartelen (zien we morgen wel – jahaaa ik zet mijn wekker.) De Opperpater spartelt ondertussen erop los. Ik laat hem. Misschien spartelt hij zijn plas uit de plas. Ondertussen weet ik niet zeker of Club Blini door gaat. Ik zal het straks de kat nog eens vragen.

Share Button

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.