Please Add Preloader

De kinderwagens. De kinderwagens en de fietsen aan de hand. Dat zijn de ergsten. Of ja, eigenlijk degenen die door de menigte heen fietsen. Daarstraks was er zelfs een auto die door het volk heen wou banjeren. Maar daarna zijn het de kinderwagens dus. En ik heb niets tegen kinderen hier hè, dat vooropgesteld. Ik snap dat: het is buiten, de zon schijnt af en toe, er is speelgoed, dit is een leuke bezigheid met kinderen erbij, zeker.

Maar kijk nou even mee naar deze mevrouw, wat valt u op, lezer ? Aha. Wel een kinderwagen maar geen kind erin. Gewoon om koopwaar in te laden. Dan is het gewoon een kruiwagen, sorry hoor. En het is hier superdruk met zondagvolk, dus om dan asociaal met zo’n kruiwagen door de rommelmarkt te banjeren, ik zou er bijna een mening over hebben, kutwijf.

Lusteloos slenter ik door de straat, een zak vol badeendjes in mijn hand. Ik loop nu al een paar jaar achtereen de rommelmarkten af voor die badeendjes. Groot plan. Of zo. Vandaag voel ik het niet. Het is plichtmatig badeendjes kopen. Ongeacht wat de mensen vragen, geef ik ze, vandaag. Drie euro voor dat eendje, alsjeblieft. Een paar lieve mensen geven me hun eendjes gratis mee, geen idee waarom, maar superlief. Gemiddelde kostprijs weer omlaag. Een man zegt met een twinkel in zijn stem, die meneer spaart badeendjes, ik zie het aan hem. Ook dat vraag ik me af.

Op elke grote rommelmarkt staat hetzelfde koppel weer met hun kraam. De vrouw heeft mijn missie allang in de smiezen en zorgt dat ze altijd badeendjes in hun koopwaar hebben. Groot, klein, eerlijk gezegd niet zacht geprijsd, maar altijd bijzondere. Als ik ze ergens zie staan, probeer ik hun kraam als laatste te doen, want meestal is dan ineens al mijn cash geld op. Vandaag staan ze aan het begin van de straat. Maar het is de tweede dag van deze markt, gisteren stonden ze hier ook. Mijn portemonnee is erop voorbereid.

Ik voel me onprettig over hoe ik bezig ben. Niet op deze markt per se, al vind ik mezelf ook erg zure dingen over de medemens denken. Maar van tevoren heb ik ook iets teveel zitten spotten met de Overbierman tijdens onze cafékoffie. Omdat ik het er moeilijk mee heb dat hij zich nog eens doodzuipt en dan ben ik er alweer een kwijt. Ik kwam onderweg hierheen vervelende mensen tegen die ik mijn leven heb uitgesmeten. Daar voel ik me ook niet lekker bij. De stad weegt ook op mij. Ik heb me eigenlijk nooit hier thuisgevoeld, niet echt. De stad heeft me niet omhelsd. Mijn vorige stad beduidend meer. Misschien is het tijd voor een nieuwe plek.

Na dat stomme project met die badeendjes dan. Als ik dat ooit ga doen. Misschien val ik wel dood voor ik eraan kan beginnen. Dan moeten andere mensen duizenden badeendjes mijn woning uit slepen zonder dat iemand ooit weet wat nu eigenlijk mijn plan was. Stil grinnik ik. Ja nee, dát vindt hij dan wel weer grappig zeker. Man, man.

Share Button

Door Rene van Densen

Schrijver, dichter en mafkees René van Densen publiceert niet alleen op internet. Er zijn ook boekjes van hem te koop in zeer gelimiteerde oplagen (en hij doet niet aan tweede drukken).

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *