In het nieuws en op het internet lees ik een boel vrouwen die boos zijn dat ze niet als gelijkwaardig aan mannen gezien worden. Dat is, helaas voor hen, niks nieuws. Dit lees ik al heel lang in het nieuws en op het internet. Of dat boos zijn helpt, weet ik dus niet. Of het, ha ha, kwaad kan, weet ik eigenlijk ook niet. Ik wil het heel erg met de vrouwen eens zijn. Gelijke rechten enzovoorts. Uiteraard. Volledig mee eens. Dat is mij ook van jongs af aan aangeleerd. En tegelijkertijd dat gedoe met deuren openhouden en zo. Ik vond het wat verwarrend, maar als je jong bent, is je geest flexibel en neem je veel voor waar aan.

Maar waarom ze in vredesnaam gelijkwaardig aan mannen zouden willen zijn, ontgaat me. Als ik om me heen kijk, op willekeurig welke dag, zie ik vooral bamislierten van mannen. Slappe thee. Gesopte koffiekoek. Gekleed in kleuren waar geen sprankje hoop meer uit spreekt. Sloffend van grijs gebouw naar grauwe auto. Stiekem hun stropdas extra strak opgestropt. Hopen dat ze eerdaags genoeg lef hebben om de boel helemáál dicht te binden. Sleuren zich bepakt en moegezweept door de dag en de rest van hun levens. Koffers aan hun arm die elke dag zwaarder lijken te worden. Hun pleziertjes zijn dat ze af en toe mogen ontsnappen aan de sleet, wat ze dan op een voorspelbare en ook alweer sleurderige wijze doen. En dan nog de mannen die opkijken naar de opgestropten. Vanaf het terras, met morsige T-shirts aan en het eerste biertje van de dag op tafel. Dat vrouwen hier gelijkwaardig aan willen zijn, zie ik als een gebrek aan ambitie. Maar dat ben ik misschien.

Ik ben geen haar beter. Dat zie ik in de spiegel. Ik heb veel haar, dus ik ben heel véél niet beter. Met mijn vingers strijk ik over mijn wangen. Droge, vettige baardharen. De huid eronder begint weer moeilijk te doen. Eigenlijk moet ik me scheren. Ik vraag me af waarom ik me niet meer scheer. In mijn ogen zie ik dat ik geknakt ben. Dat is nieuw. Verwondering daarover borrelt evenwel niet in me op. Ik buig naar mijn spiegelbeeld toe en leun mijn voorhoofd tegen het zijne. Zo houden we elkaar nog net staande. Even. De spiegel is nog vies ook. Het interesseert niet. Of ik nog wel scheerzeep en mesjes in huis heb, geen benul. Zelfs geen idee hoe ik de komende vijf minuten verder moet in dit leven. Ik schijn een man te zijn. Echt, begrijpt u die vrouwen wellicht ?

Share Button

Door Rene van Densen

Schrijver, dichter en mafkees René van Densen publiceert niet alleen op internet. Er zijn ook boekjes van hem te koop in zeer gelimiteerde oplagen (en hij doet niet aan tweede drukken).

2 gedachten over “Mannen”

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *