Hebt u dat wel eens, dat u ‘s ochtends pas negentien minuten op bent ? Zo’n blik geef ik de poes wanneer die moeiijk komt doen. De poes wil iets. Ik kijk morsig terug. Mijn blik zegt: wacht nog maar even, poes. Over korte tijd ben ik beter aanspreekbaar. De poes trekt zich er niets van aan. Miauw, zegt ze. Ik kijk nog wat morsiger want inmiddels is het nog steeds pas twintig minuten. Ik kan beter niet aan rumoer blootgesteld worden. De poes schat mij veel veerkrachtiger in en miauwt indringend.

Wamoetje, brom ik naar de poes. Miauw, zegt de poes. Ik trek een gezicht alsof dat geen antwoord is. Maar de poes snapt de regels van intermenselijke communicatie niet zo goed. Ze trekt een kop alsof het ongelooflijk is dat ik nog niet weet wat zij wamoetje. Zij weet wat ze wamoetje, waarom begrijp ik niet direct wat zij wamoetje ? Miauw, idioot ! Ze draait wat rond mijn benen.

Ik hul mij in veelzeggende stilte. Een bubbel van rust vormt zich en strekt steeds verder uit. Mijn kat deinst er van weg. Ze vertrouwt de stilte niet. Zo te zien miauwt ze paniekerig, maar ik hoor haar niet. Alles valt stil. Ik hoor geen vogels, behoeftige katten of rinkelende telefoons meer. Duister en zwijgend omhelst de leegte me. Ik geniet. In feite zou ik nu dit moment moeten vieren. Ik blaas op een toeter, maar er komt geen geluid meer uit. Potver, denk ik. Sommig geluid is nog wel oké. Ik vraag me af of ik de stilte kan omkeren, of dat alles voorgoed stil zal zijn. Ik vraag aan de zichtbaar maar in stilte miauwende kat: wamoetje. Maar de klank komt niet meer over mijn lippen. Alles is kwijt.

Share Button

Door Rene van Densen

Schrijver, dichter en mafkees René van Densen publiceert niet alleen op internet. Er zijn ook boekjes van hem te koop in zeer gelimiteerde oplagen (en hij doet niet aan tweede drukken).

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *