Ze noemden dit ooit functioneel. Daarna iets dat ik amper kan uitspreken. Nu is het een afkorting. Ik kreeg geen inspraak. Vanochtend schreef ik deze woorden in het Engels en wiste ze weer. Daarna kwam een dag waar ik functioneel moest zijn. Ik ben moe van de dingen moeten.
Soms zijn mijn woorden maar een ansichtkaart. Om even te laten weten: ik ben er nog. Want wanneer ik zo ben, doe ik niet open. Als ik kon, zette ik die verdomde deurbel uit. Je gaat me niet aan de stamtafel vinden, of zelfs op nachtwandeling. Ik ben zogezegd functioneel, wat de maatschappij van me verwacht, mijn godverdomde acht uur, maar meer moet je even niet vragen.
Iemand stuurde dat ze aan me denken. Dat is lief. Het maakt me een tikje minder boos op mezelf. Maar verder ben ik vooral blij dat ik muren om mezelf kan wikkelen nu. En een deken. En stilte. Ik weet niet goed wat hier functioneel aan is. Vanochtend schreef ik deze woorden in het Engels en wiste ze weer.

