Verhaal door René van DensenPoef, er verdwijnt weer een lichtje. Of verschijnt er juist duisternis ? Hij wist het niet. Misschien werd het lichtje wel omhuld door duisternis. Als een warme deken, langzaam het licht smorend. Alé ja, dan verdwijnt het feitelijk alsnog. Het licht komt alvast niet terug. Het is niet zoals wanneer hij naar beneden kijkt.

Beneden hem gaan lichtjes uit, en weer aan. Verdwijnen doen ze niet echt. Wel ronddraaien. Hij kijkt nu neer op andere lichtjes dan een paar uur geleden. Maar kijkt hij weer naar boven, dan blijven er ongeveer dezelfde lichtjes branden. Wonderlijk, toch. Als het hier niet al zo stil was, dan zou hij er wel stil van worden.

Duizenden lichtjes die, wat dichterbij, gigantische vuurballen zijn, die met felle likkende tongen hun planeten geselen. En in duizelingwekkende snelheden rond elkaar zwaaien. Maar hier, op deze afstand, lijken het maar lichtende speldenprikjes in een fluweelzwart gordijn. Wat het gordijn verbergt, vraagt hij zich niet eens af.

Hij zal het spoedig wel merken, denkt hij. Wat zou er gebeuren ? Zou hij eeuwig bewaard blijven zoals hij nu is, of zou hij toch op een of andere manier uiteen vallen ? Zouden de deeltjes die nu zijn lijf vormen, uiteindelijk in een nieuw lijf belanden, of in een komeet, razend door het eeuwige zwart ?

Hij wist het niet. En terwijl achter hem langzaam het licht begon te verdwijnen, bleef hij kijken. Naar al die lichtjes. Hij wist dat velen er allang niet meer waren. Welke, dat deed er niet toe. Hij was er immers ook al niet meer.

Share Button

Door Rene van Densen

Schrijver, dichter en mafkees René van Densen publiceert niet alleen op internet. Er zijn ook boekjes van hem te koop in zeer gelimiteerde oplagen (en hij doet niet aan tweede drukken).

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *