september 2014

Brief aan een organisator

Beste Wim,

Ik noem je hier Wim, maar dat doe ik omdat ik deze brief ook als een verhaal ga plaatsen op mijn site. Alle mensen in mijn leven die in mijn verhalen opgevoerd worden, hou ik anoniem. Dus jij heet nu, in mijn verhaal, Wim.

Dat je écht Wim heet, dat doet er niet toe, dat weten de mensen thuis niet. Die denken na de vorige alinea dat je naam vooral géén Wim is. Allesbehalve Wim. Eens ze daarvan overtuigd zijn, kun je de alinea erop gerust beweren dat je wél Wim heet: niemand zal je meer geloven.

Enfin, Wim, dank voor je aanbod om op te treden. Dat je geen budget hebt om me een vergoeding te betalen, is jammer. Maar ik mag je en herinner me vaag dat je me bij ons vorige treffen straaldronken hebt gevoerd. Of was jij dat niet ? Hoe dan ook, volgens mij ben jij wel een toffe. Ik kom.
Lees meer

De ontzagwekkende vrijheid

Ik heb een week vrij van de schrijverij. Er zijn een boel mensen die schrijver mogen zijn zonder iets te schrijven. De meesten hebben ooit iets heel goeds of heel diks geschreven en hoeven daarna niet meer zo nodig. Die mogen af en toe in een panel komen vertellen hoe het is om schrijver te zijn zonder te schrijven. Het lijkt me eigenlijk wel wat.

Daarom neem ik een week vrij en schrijf ik helemaal niks. Dat is toch mijn voornemen. Natuurlijk ontkom ik er niet aan dat er emails verstuurd, boodschappenlijstjes opgesteld en formulieren ingevuld moeten worden.
Lees meer

Niks

Een hele week. Een hele week even lekker niks. Dat gaat natuurlijk niet lukken, dat snapt iedereen die dat wel eens geprobeerd heeft. Maar toch ga ik een poging wagen. Althans: ik zoek natuurlijk ook nog steeds werk. En het huishouden verdient ook wat aandacht. En eigenlijk moet mijn fiets een grondig- nee, nee, nee, kijk, daar ga je al.

Demonstratief ga ik op de bank liggen met mijn armen gevouwen. Ik beweeg niet. Is dit wellicht niets ? Hoe weet je of je niets aan het doen bent ? Wat telt er in feite als ‘doen’ ? Mijn hart klopt en mijn haren en nagels groeien. Ik adem. Zijn dat allemaal dingen die ik doe ? Want dan ben ik op dit moment superdruk bezig. Bloed raast door mijn aderen. Mijn maag knort. Ik moet gapen. Met dit alles heb ik het potverdorie maar druk.

Het is om gek van te worden. Binnenkort neem ik even vakantie van al dat niksdoen. Want zelfs erover nadenken is vermoeiend.

Remspoor

Ik vraag aan het spiegelbeeld in de keuken wat ik hier in vredesnaam doe. Ik ben weer in Club P. We kijken een film die ik heb meegenomen. Geen ondertiteling. Muziekfilm. Een teken voor de striptekenaar en de Opperpater om er luidruchtig doorheen te praten, blijkbaar. En de striptekenaar heeft zelf niet door hoe luidruchtig hij kan praten. Waarschijnlijk denkt hij dat hij op normaal volume praat, maar de eerste helft van de film heb ik gemist. Pas bij de tweede helft ging de striptekenaar ook actief meekijken.
Lees meer

Fietsbel

Mijn leven is zo verlopen dat ik nu optreed met een fietsbel. Het is een mooie fietsbel hoor, daar niet van, maar het voelt toch een beetje voor schut. Sta je daar. Met zo’n fietsbel. Ding ding. Hij zegt ook niet echt veel. Ik ratel hele reeksen prachtige woorden af, hij: ding ding. Nou nou. Snel verdiend, denk ik zo. Zo’n fietsbel heeft het maar makkelijk in het leven. Telkens een dingetje of twee en we hebben het weer gehad. Zelfs mijn geïrriteerde gedachten erover bevatten meer woorden. Zou de fietsbel in dingdings denken ?
Lees meer

Weekje vrij

Vanaf komende maandag neem ik even een weekje vrij van de dagelijkse verhalen. Persoonlijk vind ik dat dat, na ruim een jaar zeven dagen op zeven te publiceren, wel een keertje mag. Ik doe ook niks met ‘gastverhalen’ of zo, nee, ik ga even een weekje met andere dingen bezig zijn. Wat, dat weet ik nog niet eens, maar ik heb gewoon even behoefte aan een pauze. Vanaf maandag 29 september zijn de verhaaltjes gewoon weer terug.

Als ik toch jullie aandacht heb: Probeersel boek 2 is vandaag naar de drukker gestuurd ! Dus die komt er ook begin oktober aan. Voor wie niet weet wat Probeersel is: drie maanden geleden publiceerde ik het eerste deel van deze stripreeks, die ik eind afgelopen eeuw tekende en sindsdien eigenlijk altijd al eens heb willen uitbrengen in boekvorm. Daarom verschijnt, om de drie maanden, een nieuw deel tot juli 2015. Als je meer wil lezen: net zoals ál mijn boeken kun je ook Probeersel deel 1 gewoon gratis via deze site lezen. Gewoon even kijken onder ‘Strips’ en dan kom je er vast zelf verder wel uit.

Oh ja en ik heb uiteraard enorm veel zin in morgen. Jullie komen toch allemaal wel ? Toch ?

Saxbenefiet


De hele zaal is stampensvol volk. Een massale opkomst bij het saxbenefiet. Het saxbenefiet is georganiseerd omdat een bekende saxofonist na een optreden ineens vaststelde dat zijn saxofoon gestolen was. Hij stond na het optreden nog wat aan de bar met mensen te praten. De saxofoon lag onbewaakt in de gang. En vervolgens niet meer.

Allerlei artiesten spelen op het saxbenefiet. De saxofonist treedt ook vanavond weer op. Hij speelt op een geleende saxofoon. Na zijn optreden ligt de leensax onbewaakt vlakbij de uitgang. De ironie ontgaat hem volledig. Maar ja, in feite is álles uiteindelijk zinloos.
Lees meer

Écht heel slecht

“Ik weet,” zei hij nog, “dat als je dat tegen musici zegt, dan geloven ze je niet. Dan zit je ergens te chillen met ze, en dan zeg je: ik zat ook in een band. Maar we waren echt héél slecht. Neeeee man, zeggen de musici dan. Je moet jezelf niet zo omlaag halen, enzovoorts. Dus dan zeg ik, we hebben ook een CD gemaakt. Die mag je best lenen. Dat willen ze dan natuurlijk. En dan zeg ik het nog een keer: het is wel echt heel slecht hoor. Dat willen ze dan niet geloven. Dus ik geef die CD mee, en na een paar weken geven ze hem terug: ja okee. Dit is écht heel slecht.”
Lees meer

De Tragicus

De zon schijnt, maar dat maakt het enkel erger voor de tragicus. Hij staart naar het biertje dat ik hem gaf, uit medelijden. De tragicus zucht. Hij klaagt dat het biertje lauw is, en dat dat weer typisch is. Dan staart hij met toegeknepen ogen naar de zon. Daar komt ongetwijfeld dit jaar nog huidkanker van, meent de tragicus. Het is althans wel de verwachting. Ik zeg niet veel. De tragicus doet zo goed zijn best, dat ik het niet wil verpesten door een beetje mee droevig lopen te doen. Je moet een vakman wel de eer van zijn beroep laten.
Lees meer