Bril


Verhaal door René van DensenHet brilmeisje op TV kijkt er wat vies bij. Ze heeft een strenge knot en een hip dik montuur. Ze kijkt zuinig. Het onderwerp gaat blijkbaar over het fenomeen dat mensen waarmee je uit bent, tussendoor op hun telefoon kijken. Er zitten dan, volgens het zuinigkijkmeisje, ineens allemaal andere mensen in het gezelschap waarmee de ander zit te praten. En zij niet. Dat vindt ze duidelijk maar niks. Ze vraagt zich af hoe de ander het zou vinden als ze daar ter plekke een boek zou openslaan. ‘Even een alinea lezen.’ De presentator zegt dat dat een goede vergelijking is. Hij zegt dat het gesprek zo hier even op doorgaat, maar eerst kijkt hij even naar de meldingen van Twitter. Niemand lacht om de ironie.

Het brilmeisje komt ook niet meer aan het woord. Het gesprek wordt geforceerd in de richting van een nieuwerwetse projectiebril. Een trèntwatsjer, een kale man met extreem blauw brilmontuur en knalrood pak, toont de projectiebril. Als u dit leest rond de tijd dat ik het schrijf, dan kent u ‘m wel. Als u dit over een paar jaar leest, denkt u wellicht: ‘O god ja, dat ding.’ Het is wat, communiceren via tekst. Misschien klinkt dit wel heel rechtstreeks aan u gericht. Dat ik nu even uw volle aandacht hebt. U luistert. In werkelijkheid ben ik allang weer iets anders aan het doen. Als u hierop reageert, moet ik eerst terugzoeken waar het over ging. U ziet het ook weer door een andere bril dan ik.

Zowel de trèntwatsjer als het knottige brilmeisje lijken me geen leuk gezelschap. Mocht ik met hen tijd moeten doorbrengen, dan zou ik waarschijnlijk een internettelefoonding kopen. Gewoon om ze te kunnen negeren. Dat ze lekker kunnen snoeven. Want het is onbeleefd en heel erg slecht en de wereld gaat hieraan kapot. Misschien wordt het brilmeisje zo kwaad dat haar knot losschiet. Hoe dan ook hoop ik dat die blauwwitte trèntwatsjer er sowieso verder niet bij is. Met zijn bril.

Share Button

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.