Juichloze dag

No Cheer Today


Onwennig loop ik door het huis. Het gemis kluift aan mijn poriën. De kater overigens ook. De juich stroomt nog door mijn bloed, maar vandaag is een juichloze dag. No cheer today. Ik pluk enveloppen uit mijn brievenvak. Ze bevatten rekeningen. De enveloppen zijn geopend, de inhoud is bekeken en daarna terug in de envelop gestoken. Er ligt een stapeltje. Ik voel me toch al kut, dus dan maar wat geld aan de graaiers geven. Met moeite vind ik een pen en begin ik handtekeningen te zetten. Ze schieten in allerlei richtingen het handtekeningvakje uit en lijken in niets op mijn normale handtekening. Deze kater gaat mij geld besparen. Zo toch dit stapeltje maar even posten. Kijken of de bank erin trapt.

Er zit een oud mannetje op het bankje dat ik passeer. Hij staart voor zich uit. Hij ademt, maar daar heb je het wel mee gehad. Ik slof naar de brievenbus maar onderweg terug besluit ik op hetzelfde bankje te gaan zitten. De juichloze dag maakt mijn ledematen zwaar. Ik ontwen. Door het kijkgedrag van mijn huisgenoot heb ik heel wat juichmomenten voor de kiezen gehad. Passief ben ik enorm verwend de afgelopen weken. Maar vandaag is er geen juich. We hebben een dagje vrij van het juichen, maar mij zint het niet. Ik staar in de richting waar ook de pupillen van het bankmannetje heen priemen.

De fietsende moederkloek met haar blonde kind schrikt zich kapot als ik haar plots toejuich. Ik moedig haar aan en schreeuw de longen uit mijn lijf. Ga, ga, ja goed zo, en nou dóór ! Dan zie ik een man zijn hond uitlaten. Wat een káns, roep ik, tussendoor, ja, nu hurken, jaaaaaaaaaaaaaaaaa ! Ik juich de wolken toe dat ze lumineus overdrijven. Wat een hemelbezit ! Ze overheersen het blauw alsof het moeiteloos gaat ! En die boom daar ! Perfect in positie, wat een klasse, wat een professionaliteit ! Er ligt ergens een gebruikte condoom. Ook die juich ik toe. Ik gil en scandeer naar de stoeptegels, naar de vlindertjes, naar een plasje regenwater. Je kunt me wat met je juichloze dag ! Ik wil elke dag juichen alsof er geen morgen en spijt meer op zal volgen. Ook het oude mannetje juich ik toe. Hij ademt en staart. En dat doet hij weer-ga-loos.

Share Button

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *