Een dagen
De dagen, ze plakken,
Ze hakken en takken,
Ze brakken barakken,
Ze blaken van brol.
De dagen, ze dagen op,
En af en aan, ze slaan erop,
Op nergens of niks, een tang op een dier,
Er valt te verzuchten, wat doen we nog hier
De dagen, ze zwijgen,
Ze zwoegen, ze dreigen,
Ze dreggen hun zwug.
Gingen ze maar eens vlug.
Lees meer