We keken ooit
of we er dieren in zagen
in plaats van:
– Nucleaire dreiging;
– Chemtrails;
– Armageddon; of, godbetert:
– Dat het vast weer
gaat regenen.
Geduldig kijken ze toe:
– De konijnen;
– De schapen;
– De draken; en, godbetert:
– De gevleugelde eenhoorns.
Want ooit kijken we,
nog, éénmaal en vermoeid,
En herzien we ze weer.
Ze wachten wel.
Dit gedicht verscheen in
“Onderop De Stapel Rechts”
De vierde dichtbundel van René van Densen verkent als thema verhuizen, transitie van één situatie naar een andere. Waarbij je altijd dingen kwijtraakt, maar er ook iets nieuws ontstaat, gesymboliseerd door kleine poëziedoosjes die je kunt uitknippen en die een nieuw gedicht vormen, maar waarbij je dan wel zes andere gedichten moet laten verdwijnen. Verdeeld in metaforische ruimtes in een nieuw huis verkent Van Densen wat je wel of niet mee moet nemen.
“Er lopen tig dichters rond in Nederland en Vlaanderen die al blij zouden zijn met de kruimels die van van Densens tafel vallen.” – Anton Voloshin

