Ik dobber nu al dagen met mijn living in een zee van volk. Hij is mensdicht, er kan geen persoon binnen. Ik heb gecontroleerd op lekken en kieren, maar alles is veilig afgesloten. Voorlopig toch. Elke dag kijk ik alles zorgvuldig na. Buiten mijn living klotsen de mensen. Ik hoor hun lawaai, ze beuken tegen de muren, maar binnen komt er niemand. Ja, soms. Heel, heel af en toe glipt er een persoon binnen, maar ik probeer die dan zo rap mogelijk weer weg te krijgen. Dat die buiten maar gaan personen, in de zee.

Ik staar naar mijn deur en vraag me af waarom ik die eigenlijk heb. Daar kunnen mensen door binnen. Als ik de deur eruit haal en dat gat dichtmetsel, ben ik er zeker van dat er niemand meer binnen kan. Maar dan moet ik cement en stenen gaan halen en dat is buiten en buiten is niet binnen en binnen is alles stil en goed. Binnen mag ik niets meer willen. Waar niemand is, kan niemand iets zeggen over hoe ik de uren van mijn leven besteed.

Straks steekt er vast weer een storm op. Dan flutsen de meningen over de boeg. Dan wappert mijn zeil vervaarlijk. In alle richtingen geduw, gesleur, gegolf. Graaiende armen, roepende stemmen. Al sinds de eerste pets op mijn billen besta ik om dingen te moeten. Maar hier niet. Hier dobber ik gewoon wat. Ik zou het waarderen als jullie niet zo hard oceanen met z’n allen. Of mij gewoon rustig wat laten woonkameren. Maar de mensen bestaan om mij dingen te moeten moeten. Ook zij hebben geen keus. Misschien zouden zij ook veel liever stilletjes woonkameren. Maar met hen binnen en mij buiten zou ik de oceaan moeten zijn en dat is te groot voor mij alleen. Ach ja, oceaantje. Klots dan maar. Klots er maar op los.

Share Button

Door Rene van Densen

Schrijver, dichter en mafkees René van Densen publiceert niet alleen op internet. Er zijn ook boekjes van hem te koop in zeer gelimiteerde oplagen (en hij doet niet aan tweede drukken).

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *