De bewoners van Prozacstad moeten er weer aan geloven. Van hogerhand is er iets in hun belang besloten. En dan valt er niks tegen te doen. Iedereen betaalt mee aan de realisering van wat ze niet nodig weten te hebben. In dit geval wordt er een mooi symbool van de stad gerealiseerd. Een standbeeld in de vorm van een pil. Het moet niet zomaar een pil zijn. Geen ordinaire huis- tuin- en keukenpijnstiller. Geen anticonceptiedingetje. Of zo’n banale Viagra. Bah ! En zeker geen Drion. Deze pil moet de mensen vrolijk stemmen. De gemoederen doen opklaren. De mensen hebben het zo zwaar. Daarom moet die reusachtige standbeeldpil er komen. Groter dan de huizen. Hij moet eigenlijk van heinde en verre zichtbaar zijn.

Voor er begonnen kan worden, gooien de wijze bestuurders eerst drie woonwijken plat. De bewoners moeten uit hun vertrouwde huisjes en worden ter compensatie in een woonflat aan het industrieterrein gepropt. Ze begrijpen toch ook wel dat de economische tijden er niet naar zijn, dat de gemeente zomaar gelijkwaardige woonruimte kan aanbieden. En de Pil kan er niet komen met hun oude huisjes in de weg. Bovendien zaten er al zoveel armoedzaaiers bij elkaar. Het werd steeds moeilijker om het volledige bedrag aan stadsbelasting bij hen geïnd te krijgen. Nee, dit is veel beter zo. We gaan de Pil niet onringen door armoede. Daar wordt niemand vrolijk van. De bestuurders zijn in hun nopjes met het goede besluit.

Het duurt vijftien jaar voor de Pil klaar is. Dat is drie keer zo lang als begroot, maar geen probleem, een financiële injectie is zo gezet. En de vele arbeidsongevallen (enkele doden, maar dat werd gelukkig vakkundig uit de krant gehouden), daar weten ze ook nog wel een pleister voor op de wonde bij te ritselen. Dit project is immers niet voor watjes. Het zal een krachtig verband onder het volk aanbrengen. Daar kan geen enkele bewoner zich een breuk aan tillen. Op de dag van de grote opening staan de betergestelde burgers van Prozacstad enthousiast te applaudiseren. Champagne. Kaviaar. Persconferentie. De landelijke journaille struikelt over elkaar om de Pil zo goed mogelijk in beeld te brengen.

Aan de rand van het industrieterrein staan inmiddels drie flats. De bewoners hebben van daaruit rechtstreeks zicht op de Pil. Ze beamen stilletjes dat het ‘t toch wel waard was. Mooie Pil hoor. En hij staat er toch maar. Ja, Prozacstad prijst zich gelukkig met haar groothartig bestuur.

Dit ZKV verscheen in
“Prozacstad 2: Het houdt niet op”

Tien jaar na het eerste deel van Prozacstad, dat niet speciaal supergoed verkocht en geen rimpels veroorzaakte, vond René van Densen het ineens nodig om een vervolg te publiceren, en er zelfs twee keer zoveel verhalen in te steken. Niemand vroeg daarom, het kwam er toch. Nieuwe avonturen met de Opperpater en andere kleurrijke karakters in het stadje Prozacstad dat eerder een way of life is (alhoewel) dan een fysieke plaats.


Zou je ook niet zo'n mooie reuzenpil in je stad willen ?

  • Ja ! Waarom is het er verdomme nog niet ? (50%, 2 Votes)
  • Ssssst, breng ze nou niet op ideeën ! (50%, 2 Votes)

Total Voters: 4

Aan het laden ... Aan het laden ...
Share Button

Door Rene van Densen

Schrijver, dichter en mafkees René van Densen publiceert niet alleen op internet. Er zijn ook boekjes van hem te koop in zeer gelimiteerde oplagen (en hij doet niet aan tweede drukken).

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *