Harten vrouw
Onderbroek ligt hier
Maar haar naam ben ik wel kwijt
Goed om te weten
Lees meer
Onderbroek ligt hier
Maar haar naam ben ik wel kwijt
Goed om te weten
Lees meer
Er komt straks wel weer één
De hele boel omgooien
Blijkt weer je hart geen steen
En toch nog wat te rooien
Zelfs al maak je geen reclame
Blijf je weg bij neongloed
Is er toch altijd een dame
Die per se jou hebben moet
Je hebt niks te weerleggen
Een fluweelzachte strop
Ik kan maar één ding zeggen:
Geef vooral mooi op.
Lees meer
Ach geef toe, in twee
kunt u niet meer geloven
Maar in drie, ja, dát,
die komt u wel te boven
Want in dat halve werk
bent u geen gelover
Nee, u laat uw breuken
enkel aan derden over.
Lees meer
Twee harten, ja
daar begint het
steeds mee
maar voor de meeste
vertellingen
telt daarna
enkel
de staat
van de breuken.
Lees meer
Als een ravijn een richting is
laat ons dan
dansen
rond de kloof
Met gekloven hoef
of heldige haf
luisteren we naar
het lied dat zij zingt,
de aarde
Lees meer
Buiten wacht je
echte leven niet
dat is nu al,
en hier
Je staat voor
in de achter
met steeds,
weer,
achter en voor
Lees meer
Ik zie op een tweedehandssite iemand die een collectie badeendjes aanbiedt. Ik kijk naar de foto en vind dat het weinig voorstelt. Ik besluit een bericht te sturen. Om de aanbieder een prutser te noemen. Een amateur. Dat noem je toch geen verzameling. Ik stuur een foto van mijn badeendjes mee. Ik heb er meer dan zevenhonderd, in grote manden, in de badkamer staan. Ik schrijf: dat is pas een verzameling. Ik hou me in en stuur niet na dat hij een prutser en een quitter is. Ik ben in een lieve bui vandaag.
Lees meer
Weet je wat ik zou doen, mocht ik ineens een groot bedrag winnen ?
Scène: mijn busgenoot kijkt me aan met een vermoeide ohneewatnuweer-blik. De blik is er één van iemand die me duidelijk al een tijd kent.
Ik zou die instrumentenwinkel daar binnen lopen, en dan zo’n ukelele van veertig euro kopen. Dan naar buiten lopen en die op de stoep voor de zaak aan gruzelementen slaan op de kasseien. Vervolgens terug naar binnen lopen en vragen om een nieuwe te kopen. Hoeveel denk je dat ik er zou kunnen kopen voor ze het niet leuk meer vinden ? Ik denk drie.
Scène: rollende ogen en een zucht, schouderophalen. Na een beetje twijfel een gok: vier ?
Lees meer
Ik zie de stad wegtrekken. De betonnen torens, als grauwe klauwen in een grijze lucht, weerspiegelen op de rails. Ik ga terug. Ik was er, en nu ben ik er niet meer. Dag, mensen die ik ooit kende, het was tof jullie weer te zien. Als een geïnformeerde tourist die zijn vakantiehuisje weer verruilt voor waar thuis is. We hebben bijgepraat en moeten zeker eens afspreken binnenkort.
De meute was zo vriendelijk om me naar het station te brengen. Ik moest beloven nooit meer over Prozacstad te schrijven. Ik beloofde dit, want beloftes onder bedreiging tellen niet. Zo kwam ik met slechts enkele kleerscheuren de stad weer uit.
Lees meer