‘Ollander
Terwijl ik wacht bij de deur, neem ik een heel, heel, heel, heel, heel diepe adem.
Zodra ze opendoet en me wil verwelkomen, trek ik haar uitgestoken hand naar me toe en geef haar een stevige knuffel. “Daar ben ik dan !” roep ik uitgelaten. Ze staat verstijfd en verblufd wat te staren. Misschien heeft ze iets geks buiten gezien dat haar heeft doen schrikken. Ik loop het gebouw binnen en roep “Dag allemaal, ik ben er hoor !” Vanachter hun cubicles kijken verbaasde gezichten, enkele mensen doen hun koptelefoons af. Vrolijk hobbel ik een trap op, geen idee waar ik heen ga, ik ben hier immers nog nooit geweest, maar misschien is het deze kant op. Haastig rent de recruiter achter me aan dat het inderdaad die kant op is meneer. “Mooi !” roep ik, “en het is hier goed opgelapt zeg !”
Lees meer