Sommige mensen zijn zo sommig,
Waar sommige sommigen minder sommig zijn.
Sommige sommigheden maken nogal het verschil.
Al zijn sommige andere sommigheden uiterst klein.
Sommige sommigen zijn soms veel sommiger,
Dan sommige andere sommigen soms zijn.
Soms als de sommigheid vermenigvuldigt,
Zijn sommige delen van het verschil wel fijn.
Verschillende sommigen zijn een plus,
Maar plusminus sommige sommigen willen soms een keer,
Plusminus soms de som van sommige dommigheden delen,
Dan blijken sommige dommigheden soms veel meer.
Waren soms sommige sommigen maar wat sommiger,
dan somden sommige sommigheden zich minder op.
Ik kom soms niet meer uit de sommigste sommigen,
Dus houdt dit gedicht nu hier maar.
Tijdens de lockdown leest dichter René van Densen elke dag een gedicht voor uit zijn dichtbundels. In navolging van Gert Vanlerberghe’s Balkonnenvrees heeft hij deze reeks Keukenvrees gedoopt. Op deze manier kunnen blinden en slechtzienden ook wat van zijn poëzie meekrijgen en hebben het bijkomende voordeel dat ze René zelf niet kunnen zien. De bofferds.
Dit gedicht verscheen in
“U Mag Mij Wegstemmen”
In een reeks dichtbundels moet er altijd één het debuut zijn, en René van Densen besloot meteen van wal te steken met een titel die ironisch en zelfrelativerend is. Het is niet eens zijn dichtbundel maar een duo-dichtbundel samen met Bob ‘Bobadas’ Minne, die met zijn zevende dichtbundel al fors de diepgang in ging. De afbeeldingen op beide kaften tonen dan ook de stationstrap in Roosendaal – tussen Gent en Tilburg de halfweghalte – waar Bobadas’ kaft van boven naar beneden ‘kijkt’ en Van Densen’s kaft van onderaan naar boven.
Maar René had al een flink arsenaal aan podiumteksten en daar zitten achteraf nog best een paar aardige teksten bij, die de tand des tijds aardig doorstonden.

