Vergeef me, mijn ziel.

Ik ben aan geen mens verantwoording schuldig, maar wel aan jou, mijn zelf. En bij dat idee voel ik schaamte. Schaamte voor wie ik ben geworden. Als ik eraan denk wat we wilden doen, waar we
wilden zijn, wie we wilden zijn, dan begrijp ik niet hoe je het bij mij volhoudt.

Stap voor stap ben ik laf geweest, ben ik slap geweest. Ik ben serviel en hypocriet geweest. Ik heb keuzes gemaakt om verkeerde redenen, terwijl ik verdomd goed wist welke keuze ik eigenlijk had willen, had móeten maken.

Mijn ziel, je stond erbij en zag mijn handelen. Je zag hoe ik me liet en láát behandelen, en welke afslagen ik neem. Meer en meer stilletjes en met het hoofd gebogen.

Vergeef me, mijn ziel. Hoewel ik zeker niet zonder zonden zit, ben ik jou het ontrouwst geweest. We wisten zo zeker, van jongs af aan, hoe het eigenlijk moest.

Ik zwoer je, bloedbroeder, puur met je te blijven, ik zwoer je dat de dwalingen van die corrupte spaghettizooi, die de wereld der volwassenen is, mij bespaard zouden blijven. Ik wist beter. Ik weet nog steeds beter. Toch maak ik minstens eens per dag weer een foute keuze, neem een foute afslag.

Voet voor voet ben ik krommer gaan lopen. Ik hield ermee op om opstandig te worden, van de klappen die het leven onvermijdelijk uitdeelt. Ik liet de leugens van de angst, hun oordelen temidden van jouw waarheden krassen. Met hamer en beitel leefden ze zich uit, steeds lustiger hakkend naarmate ik minder protesteerde.

Met de scherpste lamp heb ik nog moeite hun vervalsingen van mijn innerlijke waarden te onderscheiden. Ik ben vervalst.

Vergeef me, mijn ziel. Maar blijf mij trouw, ook al verdien ik het niet. Ik blijf proberen beter te doen. Ik poog me zo weinig mogelijk te verschuilen achter excuses over zwakte en onwetendheid, , en hoewel mijn verweerde voeten met iedere stap steeds weer verkeerde paden zullen inslaan, hoop ik dat je me er desondanks aan zult blijven herinneren, op welke koers we onze bloedeed zwoeren. Help me de smerige spiegel schoonpoetsen en kijk me weer recht in de ogen aan.

Maar vooral… vergeef me.

Dit ZKV verscheen in
“Prozacstad: Je bent er”

In 2014 bracht René van Densen zijn collectie ZKV’s (of Zeer Korte Verhalen) in een ZDB (of Zeer Dun Boekje) uit dat NZD (Niet Zeer Duur) was. Hierin las je de eerste avonturen van de bewoners van het misschien niet super fictieve stadje Prozacstad, waar de Opperpater altijd stabiel en soepel blijft en een vrouw met een brief in één hand en de rode draad in haar andere, van de eerste tot de laatste pagina het boek doorkruist. Het boekje verscheen slechts in een beperkte oplage (50 ex) in eigen beheer en is allang uitverkocht, maar op Google Play kun je het nog als ebook kopen en lezen. Dan begrijp je misschien ook beter waar het verhaal hierboven op sloeg. Tenzij je het koopt en niet leest, natuurlijk. Dat mag op zich ook prima, ook die centjes zijn gewoon welkom, daar doe ik niet kinderachtig over.


Share Button

Door Rene van Densen

Schrijver, dichter en mafkees René van Densen publiceert niet alleen op internet. Er zijn ook boekjes van hem te koop in zeer gelimiteerde oplagen (en hij doet niet aan tweede drukken).

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *