preloader

Het apparaat piept. Ik zucht opgelucht. Eindelijk is de vakantiewas klaar. Wat een dag. Wat een wéék. Ik had verlof maar ging niet op reis. Maar om toch mezelf een beetje dat vakantiegevoel te gunnen, stond ik op maandagochtend al supervroeg aan de woonkamerdeur te schuiven met mijn koffer. Ik had mijn koffer ingepakt vol kleren voor de hele week. Zondagavond en -nacht uitgebreid op staan puzzelen, wat ik meenam. Paspoort ! Niet vergeten.

En zo begon het maandagochtend dus al, voetje voor voetje. De Overbierman liep mijn huis binnen, recht naar de koelkast, pakte een bier eruit en keek toen verbaasd naar hoe ik middenin de woonkamer met mijn koffer stil stond. “Ga je ergens naartoe,” vroeg hij verbaasd terwijl hij aan de keukentafel ging zitten roken. Nee dus, zuchtte ik. Maar voor het gevoel sta ik in de rij nu. Hij trok een wenkbrauw op. Geef me nog een half uur, zei ik, dan kan ik mijn koffer inchecken en kom ik bij jou aan tafel. Maar wil je me dan wel even met een metaaldetector checken ? Dat had hij gelukkig nog wel voor een buur over.

Wat later heb ik mijn keukenstoelen tegen mijn bank aan geschoven om te zorgen dat ik bijna geen beenruimte heb, en een film gezocht die ik niet wou zien. Fruitsap in een piepklein plastic bekertje en een zakje met zeven hele pinda’s erbij. Zo’n vijf uur later sta ik bij mijn koffer te wachten tot die op de bagagecarroussel belandt.

Ik sjok de hele benedenverdieping door met mijn koffer erachteraan en probeer zoveel mogelijk onhandige stukken te vinden waar ik niet met mijn koffer door kan. Eindelijk ben ik bij de woonkamerdeur, ik rij mijn koffer naar de bank en plof erop neer. Ziezo, ik ben er. Het is al avond, maar dan heb je ook wat. Vermoeid slaap ik de eerste avond al vroeg, maar dat geeft niet.

De volgende dag ben ik daardoor vroeg uit de veren en loop mijn deur uit, naar mijn stamcafé. Heel lang kijk ik naar de kaart – ze wisten zelf niet eens dat ze een menukaart hadden. Ik doe alsof ik de taal niet spreek en heel veel moeite heb met bestellen. Dan tel ik met uiterst veel moeite mijn muntjes uit. Als vrienden het café binnenlopen en me laconiek begroeten, zeg ik verrast hoe hartelijk en open iedereen hier is. Daarna ga ik vol verbazing in de supermarkt shoppen.

De hele rest van de week maak ik vooral duizenden foto’s en bekijk elke straathoek in mijn wijk vol oehs en ahs. Grote verbazing over de verkeersborden hier ook. En al die voordeuren gewoon aan de voorzijde van het huis, dat zie je alleen hier he. Maar dan komt de laatste dag en moet ik mijn koffer, waar ik de hele week al uit leef, weer inpakken. Natuurlijk krijg ik hem amper meer dicht want ik heb er allemaal dingen bijgekocht die er ook in moeten. En dan weer schuifelen, weer controle, weer pinda’s.

Stram haal ik de was uit de machine en steek hem in de droger. Het vuil is eruit, de herinneringen zitten er nog in. Morgen nog even bijkomen van mijn vakantie en dan maandag weer hard aan de slag.

Share Button

Door Rene van Densen

Schrijver, dichter en mafkees René van Densen publiceert niet alleen op internet. Er zijn ook boekjes van hem te koop in zeer gelimiteerde oplagen (en hij doet niet aan tweede drukken).

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *