Hoe je het ook wendt of keert, zo’n kat gaat echt lang mee. Ze is ook breed inzetbaar. Of je nu de afwas schoonborstelt, de tuin aanveegt of je rug eens goed wil inzepen, ze is overal voor geschikt. Keertje goed uitwringen en klaar. Droog- en schoonlikken doet ze daarna zelf wel. Maar de toepassingen stoppen daar zeker nog niet. Staat de tafel of de piano een beetje scheef ? Steek gewoon de staart eronder en presto. Zo heeft zo’n kat duizendeneen toepassingen.
Toegegeven, het aangekoekt vuil van mijn fiets krijgt ze wat moeilijker uit haar vacht. Ze is al een halve dag aan het likken en nog is het niet schoon. Ik geef de schuld aan al dat wegonderhoud overal. Dat asfalt koekt snel aan, en je moet flink kracht zetten om de boel weer blinkend en roestvrij te maken. Maar niet getreurd, een half uurtje in de wastrommel en daarna even in de zon aan de lijn hangen en ze zal wel goed als nieuw zijn.
Ondertussen is het wachten natuurlijk wél irritant. Serieus, hoe moet ik mijn schoenen nu glimmend oppoetsen voor mijn gesprek vanmiddag ? En de dakgoot, daar kan ik ook beter een professional voor bellen. Het kost klauwen vol geld als zo’n kat het even niet doet. Ik hoop dat ik vanavond wel met haar kan stofzuigen. Zo wordt het natuurlijk niks met die voorjaarsschoonmaak. Overal rollen kattenharen.
Dit ZKV verscheen in
“Prozacstad 2: Het houdt niet op”
Tien jaar na het eerste deel van Prozacstad, dat niet speciaal supergoed verkocht en geen rimpels veroorzaakte, vond René van Densen het ineens nodig om een vervolg te publiceren, en er zelfs twee keer zoveel verhalen in te steken. Niemand vroeg daarom, het kwam er toch. Nieuwe avonturen met de Opperpater en andere kleurrijke karakters in het stadje Prozacstad dat eerder een way of life is (alhoewel) dan een fysieke plaats.


man, man, man, dit verhaal is heel heel sterk. heeft bovendien een grote Belgische lees: surrealitsitsche inslag. In jouw generatie betekent het dat je verwant wordt aan Nicolas Ancion, die in mijn ogen een grote is.