preloader

2015

Scheef

De dag start scheef. Ik haat het wanneer dat gebeurt. Dan sta ik bijvoorbeeld vroeg op, maar bij het douchen moet er iets gerepareerd worden en dat lukt natuurlijk niet en gefrustreerd blijf ik ermee doorgaan en voor ik het weet loop ik achter op schema. Slaapdronken én voor niks. Dan is heel de dag eigenlijk al kapot.

Een verstandig man kruipt dan terug in bed en ziet morgen wel weer. Ik ben geen verstandig man. Of liever, dat hebben de mensen liever niet van me. Mensen houden niet van verstandige mannen. Mensen willen mannen die zich grijs en vermoeid in treinen hijsen en over trottoirs voortslepen naar een geestdodende baan van negen tot zes. Die bammetjes eten in de lunch en vergeten zijn te vragen waar hun leven heen is verdwenen.

Als compromis pak ik mijn dekbed mee onder mijn arm de trein in. Ik zoek een vierplekkenbank uit en strek mijn benen. Dan wapper ik de deken uit over de vier zetels. Mijn jas is een prima hoofdkussen. Ik slaap. De hele coupé kijkt ongetwijfeld toe. Maar mijn dag is toch al scheef.

Dansen met bakboter


Ze kookt niet. Nee, ze danst met bakboter. Fladderend van aanrechthoek naar aanrechthoek, opgewerkt smakkend voorproevend met haar pink. Haar kont schudt. Ik kan aanbieden te helpen, of ik kan toekijken. Stil drink ik dus mijn biertje. Buiten het appartement worden ongetwijfeld mensen doodgeschoten en platgereden. Dat ik een paar paprika’s niet snijd, is niet het ergste dat gebeurt in de wereld.
Lees meer

Vind ik niet leuk

De Opperpater zit sinds een tijdje op Facebook. Daar heeft hij inmiddels de vindikleuk-functie ontdekt. Eerst klikte hij overal op vindikleuk. Iemand heeft 11 km gerend. Vindikleuk. Een plaatje dat roept dat ‘ze’ van ‘mijn’ pensioen af moeten blijven. Vindikleuk. Weer iemand anders meldt, tranen in de ogen, dat diens vader overleden is. Vindikleuk. Je kunt met recht spreken van de korte maar consistente Vindikleuk-periode in de ontwikkeling van de Opperpater.
Lees meer

En ik schreef

En ik zag weer dingen en schreef weer dingen maar geen woord op papier want niet alles is voor uw ogen. Ik hoorde en rook dingen en deed mijn gebruikelijke best ze te negeren. Ik hou mijn bui liefst stabiel. Er schuilt woede in mijn hart, maar het mag er niet zomaar meer uit.

Af en toe breng ik de woede een glas water of een kop thee. Dan babbelen we wat. De woede zegt dat hij eenzaam is. Ik zeg dat de woede mij eenzaam maakt. We drinken dan samen ons water of onze thee. En ik schreef. Ik schrijf niet, ik schreef. Nooit schrijf ik in het heden. Je zet woorden op papier, maar je schrijft niet meer. Zodra de woorden komen, ben je aan het schreven.
Lees meer

Wereldvrede

Achterin mijn keukenkastje vind ik nog een pakje oploswereldvrede. Ik was totaal vergeten dat ik oploswereldvrede in huis had, dus het verraste me nogal. Voorzichtig schud ik de verpakking. Het klinkt niet heel poederig meer. Ook als ik mijn vinger in het zakje prik, krijg ik het idee dat de wereldvrede er wat zompig aan toe is. Dat wordt geen wereldvrede vandaag, mompel ik wat voor me uit.
Lees meer