Vingers


Verhaal door René van Densen’s Ochtends blijken al mijn vingers weggelopen. Heb ik dat. Dat is niet erg eh, handig, zoals u zich kunt inbeelden. Ik pruts me wat door het huis heen, op zoek, maar nergens kan ik ze meer vinden. Foetsiekabloeb, die vingertjes van mij. De kat wil naar buiten, maar ik krijg mijn deursleutel niet goed vastgepakt. Dus die heeft pech. Mijn slaapkamerraam stond op doorluchtstand, dus ze krijgt nog een beetje frisse lucht, maar voorlopig geen buitenwereld voor de poes. Ondertussen zoek ik het huis nog een keertje af, maar geen vingers in zicht. Ten einde raad zet ik wat koffie en vraag ik me af hoe ik de dag doorkom.

Misschien staken ze wel, de vingers. Vinden ze dat ze ondergewaardeerd worden. Ik wil direct roepen dat ik ze heus wel waardeer, vingers, echt hoor. Ik ben altijd zo blij met jullie, wil ik gillen. Maar of ze het horen en er wijzer van worden, dat weet ik niet. Ondertussen krijg ik jeuk in mijn oor en op andere vervelende plekken. Krabben lukt niet. En wanneer ik een boterham met kaas probeer te maken, eindigt de hele keuken onder de boter. Het allervervelendste is dat het niet lukt om betweterig te zijn zonder vinger. Ik kan er niet mee zwaaien, wijzen of er eentje waarschuwend in de lucht steken. Wat ik niet zou doen voor één vinger.

De vingers blijken me een mailtje gestuurd te hebben, zie ik nadat mijn laptop ook helemaal onder de boter zit. Ze nemen even een dagje vrij. Altijd trouwe dienst, recht op, even uitwaaien, enzovoorts. Ja, dat is leuk, maar het schopt wel heel mijn planning in de war. Hoe moet ik nu schrijven ? Ik mopper wat en lik de boter van het scherm. Ze hebben een foto meegestuurd en liggen ergens op een naaktstrand. Ik zie de vrouwen in de achtergrond van de foto en grijns. Dan sluit ik de laptop. Ze hebben het verdiend, mijn vingers. Die gaan een mooie dag tegemoet. Dát zijn mijn vingers, geen twijfel mogelijk. Koffie, iemand ?

Share Button

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *