Vlooien

Verhaal door René van DensenMijn nieuwe buurvrouw zegt dat ze vlooien heeft. Die vlooien heeft ze niet als huisdier. Ze zijn zelfs niet van haar maar van de vorige bewoner. Mijn vorige buurman, die zijn kat ietwat verwaarloosde, heeft de vlooien achtergelaten, zonder eten of drinken, gewoon aan hun lot over. Ze zijn des te blijer met de buurvrouw, die ze als warm en zeer smakelijk kenmerken. Mijn buurvrouw krabt en gooit nu dagelijks haar wasgoed in de wasmachine, daarna in mijn droger. Ze zegt dat ze zelf een droger gaat kopen.

Mijn eigen kat heeft geen vlooien. Ik heb met de kam gecontroleerd. Wel enkele teken maar ik ben geen held met die tekentangen. Ik heb er inmiddels zeven. Steeds koop ik er ambitieus een en denk ik ‘vandaag ga ik alle teken van mijn kat verwijderen’. Op goede dagen kom ik thuis en blijkt de kat geen teken te hebben. Op slechte dagen belandt de tang of klem op een stapeltje omdat ik bang ben de teek kapot te knijpen en mijn kat dodelijk te vergiftigen. Ik ken soms mijn eigen kracht niet en mijn kat is best lief. Op verjaardagen geef ik nu mensen standaard een tekentang. Dat houdt de collectie een beetje in bedwang. Ik vertel expres niemand wanneer ik zelf jarig ben uit angst een tekenklem terug te krijgen.

Er is een speciale truc om mijn kat haar vlooiendruppel te kunnen geven. Ze is nerveus en gewelddadig verdedigend aangelegd. Het beste is dus haar als ze loom of slaperig is, stiekem te druppelen in haar nek en dat dan in te masseren. Even denkt ze dan spinnend dat je haar aait. Daarna haalt ze alsnog je armen open, rent het halve huis rond en gooit alles stuk. Met deze methode is het slechts het halve huis. Ze heeft in zo’n paniekbui nog nooit een tekenklem gebroken. Het eerste dat ik steeds erna controleer.

Terwijl ik een tekentang in cadeaupapier inpak, voel ik een scherpe steek in mijn kuit. Ik vermoed al wat het is. Voorzichtig mijn broek optrekkend vang ik moeiteloos de vlo. Het is spijtig voor de vlo maar ik verdrink ‘m in de fruitvliegenval. Dan pak ik de spuitbus en spuit deze leeg, op de deurmatten, langs de buitenmuur, op planten, op de vensterbanken, op stoelen, het kan me niet schelen. Ik heb genoeg vlooienplagen in mijn leven gehad en ben er klaar mee. Beteuterd schud ik de bus en overweeg een nieuwe te gaan halen. Maar met mogelijke vlooien in mijn kleren kan ik natuurlijk de straat niet op. Ik ben ineens een wandelend gevaar voor de volksgezondheid.

Buiten schijnt een stralende zon en ik zit weg te kwijnen. Stiekem hoop ik dat een teek mij pakt.

Share Button

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *