Wereldvrede

Verhaal door René van DensenAchterin mijn keukenkastje vind ik nog een pakje oploswereldvrede. Ik was totaal vergeten dat ik oploswereldvrede in huis had, dus het verraste me nogal. Voorzichtig schud ik de verpakking. Het klinkt niet heel poederig meer. Ook als ik mijn vinger in het zakje prik, krijg ik het idee dat de wereldvrede er wat zompig aan toe is. Dat wordt geen wereldvrede vandaag, mompel ik wat voor me uit.

Nu ik de verpakking van de wereldvrede zo zie, word ik een beetje nostalgisch. Vroeger waren we nog dol op wereldvrede. Onder elk dak werd er wel enthousiast om geroepen. Het was wereldvrede dit, wereldvrede dat. Met stip was wereldvrede het populairste produkt in menig huishouden. Met vrolijk gebolde, rode konen droomden we als kleine snaken en boefjes van de wereldvrede die ongetwijfeld zou komen. We konden niet wachten.

Wat dat betreft was er met de wereldvrede als belofte niets mis. We hadden er zin an, met de marketing van de wereldvrede zat het wel snor. Rien à dire. Als je niét naar wereldvrede snakte, was er iets mis met je. Dan diende je natuurlijk ausgeradiert te worden. Raus ! Van die rare snuiters die niét reikhalzend naar de wereldvrede snakten, daar moesten we collectief niks van hebben. Dat kon je maar beter voor je houden, anders werd het oorlog.

En nu hebben we het dus. Al decennia. In elk keukenkastje. Beetje kokend water toevoegen en hoppakee. Wereldvrede. We zijn het helemaal tegengegeten. Het smaakt wat muf. Te weinig peper, dat is alvast zeker. Vers is het al zeker niet. En je weet nooit wat ze erbij doen he, in zo’n zakje. En zo laat je al snel een verpakking achterin de kast slingeren. Waar de wereldvrede langzaam beschimmelt. Ach. Ooit raakt het vast weer in zwang.

Met een zwaai werp ik de wereldvrede in de vuilnisbak. Morgen koop ik wel weer nieuwe. Mits ik het niet vergeet.

Share Button

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *