Glazig

Verhaal door René van DensenVanaf dat ik ’s ochtends binnenloop, doe ik alsof mijn aanwezigheid hier, ook in mijn eigen ogen, belangrijker is dan thuis op de bank naast de kat. Ik kan overtuigend doen alsof. Soms doe ik zo overtuigend alsof dat ik zelfs langer blijf dan de bedoeling is. En me drukker maak dan ik eigenlijk kan menen. Want welbeschouwd is al het werk dat ik ooit gedaan heb, ronduit belachelijk. Maar ja, als je eenmaal een rol speelt, verlies je je er zo makkelijk in.

Mijn collega’s trappen er erg goed in. Of misschien spelen die ook wel een rol. Misschien spelen ze wel dat ze geloven dat ik niet acteer. Misschien heb ik dat zelfs wel door en acteer ik dat ik niet weet of zij acteren dat zij niet weten dat ik acteer. Of misschien acteren we niet maar doen we allemaal maar wat. Met een pokerface.

Onderweg naar en van mijn werk kan ik niet acteren. Dan dans ik huppelpasjes op de muziek in mijn koptelefoon. Of ik haal een biertje in de supermarkt en slenter in de zon. Ik glimlach naar de medemensen en probeer hun schaduwen te vangen. Die bui krijg ik niet altijd bedwongen als ik achter mijn bureau zit te acteren. Soms maak ik dan een speelse grap. Of tien.

Als dan de collega’s me vermoeid aankijken, met glazige ogen. Dan weet ik het ineens weer. Ik ben de enige die doet alsof. Stil staar ik dan maar weer naar mijn scherm, vervuld van medelijden. En werp een snelle blik op de klok. Straks. Straks weer.

Share Button

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *