Vier

Verhaal door René van DensenNa een stilte die wel twintig dagen leek te duren, keek hij toch in zijn ooghoek. Hoge hakken, donkere panty’s, strenge bril. En vier lonkende lokken, als wenkende tentakels. Groene, vurige ogen en lange, gelakte nagels. Een grijns. Karel voelde zich direct achtervolgd en plukte voort aan zijn tabak. Maar dat was geen blijvende oplossing. De tabak kruimelde op de tegels en waaide weg; ooit was de buidel leeg.

Natuurlijk waren er in feite maar twee mogelijke acties: de confrontatie, of weglopen. Weglopen was hem te actief, en een confrontatie had hij geen zin in. Zolang uitstel een actie was, ging hij ermee door. Geduldig wiebelde ze haar been, zag hij zijlings. Zolangzenikszegtiserniksaandehand, zolangzemaarnikszegt. “Ik wacht wel, hoor.” Ja shit, daar heb je het al.

Karel had liever enkel vingers en vingernagels aan de hand. Weglopen was nog steeds een optie. Confronteren ook. Zolang ze opties waren, hing hij in limbo. Karel had graag nog opties, liefst zoveel mogelijk. Hele stapels ongelezen boeken had hij thuis. Heerlijk was dat. Al die potentieel nog te lezen verhalen !

Ook kende hij nog lang niet elk café. Hij keek wel uit. Sterker, hij kende er maar vier. Alleen een idioot duikt elk café in zijn woonplek in. Iemand die nog wat te beleven wil houden, bewaart cafés, boeken, musea, bands en alles wat hij maar beleven kan, zo lang mogelijk. Leven is beleven.

“Hee, Karel,” sprak ze met een doorrookte, zwoele stem. Karel werd ijskoud van binnen. Maar hij hield vol en keek fier voor zich uit. Elke minuut dat deze situatie gerekt zou worden, was er één. Hoe potsierlijk het misschien ook overkwam. Hij gaf zich niet over aan deze sociale dwang. Hij wou ook niet weten hoe ze zijn naam kende. Hij was ineens erg benieuwd naar dat boek dat al vier weken ongeopend op zijn nachtkastje lag.

Share Button

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *