Sigaretten en pis

Verhaal door René van DensenIk ben voor het eerst in lange tijd weer in Club P. De Opperpater wil het wel weer eens proberen om mensen bij hem thuis uit te nodigen. “Maar dan wel vroeger op de avond, knikkers. Club P. sluit om middernacht. Vanwege de onderbuurvrouw.” Ik begrijp het wel, het is buiten veel te koud om te fietsen en de Opperpater is een natuurtalentje in opportunisme.

De gasten van vanavond zijn ik, de tekenaar en de krullenzeeuw. Hoewel enkel ik en de Opperpater roken, staat al snel de kamer blauw van de rook. We kijken een film, maar stieken vliegen er onderzoekende blikken heen en weer. Wie is het ? Van wie komt die gruwelijke pislucht af ?

Wanneer ik een biertje uit de koelkast ga halen, valt me op dat het in de gang en keuken nog erger is. Ik loop naar de badkamer, waar het toilet is. De Opperpater gebruikt zijn toilet nooit. Hij pist in het wasbakje. Ik spoel het wasbakje, en, voor de zekerheid, ook het toilet. Dan ga ik terug naar mijn biertje.

De lucht wordt alleen maar sterker terwijl we de film kijken. We spreken er schande van. De Opperpater zegt dat hij niets ruikt. Hij zegt dat er vórige week nog, met nadruk op vórige, alles met bleek gereinigd is. Niet door hem; door zijn moeder, uiteraard. Aanvankelijk denkt de Opperpater zelfs dat we hem samen voor het lapje willen houden, met dat geklaag over die pis.

Hij rookt de ene na de andere sigaret. De kamer wordt nóg blauwer. Sigaretten en pis, dat is alles wat we nog ruiken. Elk van de gasten probeert het te blokkeren. Het is allemaal té rock ’n roll voor ons. Stiekem vermoeden we dat de Opperpater op zijn bank zit te pissen.

Share Button

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *